MPI en het quota van kinderen toegewezen vanuit de jeugdrechtbank
Rechtspraak 27/11/2013

Jeugdrechtbank Brugge (wijzigende beschikking) 18 september 2013, onuitg. nr. 1527/2013.

​De MPI’s van het gemeenschapsonderwijs beslisten in juni 2013 een charter te ondertekenen dat ze zich vanaf het schooljaar 2013 strikt zouden houden aan de 7 plaatsen die ze bij wet moeten voorbehouden aan door de jeugdrechtbank geplaatste kinderen. De beslissing hiertoe werd genomen doordat de druk van 7 op 7 opvang binnen huidige budget en personeelsondersteuning onhoudbaar werd. In deze concrete casus werd een oplossing gevonden doordat de garantie werd gegeven dat het geen opvang betrof in weekends en vakantieperiodes. De jeugdrechter wijst hier op de belangrijke rol die MPI’s spelen in de opvang van deze kinderen en roept de beleidsmakers op tot het nemen van hun verantwoordelijkheid. De jeugdrechters waren niet op de hoogte van de beslissing van de MPI's om de regelgeving strikt te gaan toepassen.

DE FEITEN

Op 30 augustus 2013 werden de kinderen A en B op verzoek van de sociale dienst toevertrouwd aan het MPI x. Deze kinderen waren voordien al ongeveer twee jaar geplaatst in dit internaat binnen het kader van de vrijwillige jeugdhulpverlening (een actie van het Comité Bijzondere Jeugdzorg in het kader van Preventieve Sociale Actie .

Op 4 september 2013 verneemt de jeugdrechter dat het MPI x heeft geweigerd om deze kinderen op te nemen met het argument dat hun quota van kinderen geplaatst door de jeugdrechtbank is bereikt.

Alle MPI’s van het gemeenschapsonderwijs hebben blijkbaar op 30 juni 2013 een charter ondertekend om de wettelijke regeling (van de jaren ’50) vanaf dit schooljaar nauwgezet toe te passen. Zij dienen aldus af te bouwen naar de oorspronkelijke zeven “wettelijke” plaatsen voorbehouden voor geplaatste jongeren vanuit de jeugdrechtbank.

De internaten van het MPI willen dus niet meer zoals in het verleden, meer kinderen opnemen. Zij beschikken immers niet over dezelfde werkingsmiddelen als de voorzieningen binnen de bijzondere jeugdzorg terwijl er van hen verwacht wordt om identiek werk te verrichten met minder personeel, zeker wanneer het gaat om zogenaamde “zeven dagen op zeven” plaatsingen.

Het valt echter te betreuren dat de jeugdrechters en de sociale dienst hiervan niet waren ingelicht. Kinderen mogen immers niet het slachtoffer worden van (financiële) discussies tussen de Vlaamse departementen Onderwijs en Welzijn.

PRIOR-SYSTEEM BINNEN HET NIEUWE DECREET INTEGRALE JEUGDHULP

MPI’s van het gemeenschapsonderwijs stellen terecht vast dat jeugdrechters meer en meer beroep doen op hun internaten. Het algemeen plaatstekort in begeleidingstehuizen binnen de bijzondere jeugdzorg is immers een gekend fenomeen. Het “prior-systeem” wordt ook in het nieuwe decreet Integrale Jeugdhulp verder geïnstitutionaliseerd. Daarmee samenhangend wordt een internaatsplaatsing ook als minder ingrijpend aanzien als een plaatsing in een begeleidingstehuis.

Contextbegeleiding en ambulante hulpverlening is een nobel streefdoel maar is voor een deel van de families die onder de bijzondere jeugdzorg vallen vaak ontoereikend. Bovendien kan deze maatregel kinderen niet altijd de nodige veiligheid bieden noch de garantie om dagelijks van een degelijke opvoeding en onderwijs te genieten. Opleiding vormt immers de sleutel tegen kansarmoede.

MPI NEEMT KINDEREN OP MITS HERFORMULERING MAATREGEL

Het MPI x is gelukkig bereid om de kinderen op te nemen indien de maatregel wordt geherfomuleerd. Er kan worden verwezen naar het verzoek van de sociale dienst. Hierdoor krijgt het internaat de garantie dat het niet om een zeven op zeven plaatsing gaat en dat de kinderen in het weekend en vakantieperiodes naar huis gaan. Ook de ouders gaan hiermee akkoord. De raadsman van de minderjarige heeft zijn toestemming gegeven.

DE JEUGDRECHTER

De jeugdrechter hoopt in het belang van alle minderjarigen die zich in een gelijkaardige situatie bevinden dat de desbetreffende beleidsmakers hun verantwoordelijkheid nemen om uit deze impasse te raken. De jeugdrechters waarderen immers ook de begeleiding die de MPI’s bieden ten aanzien van de daar geplaatste minderjarigen.

De maatregelen kunnen ten allen tijde worden ingetrokken of op verzoek van de minderjarige of hun wettelijke vertegenwoordiger, de in de artikelen 44 tot 46 van het Decreet van 7 maart 2008 inzake de bijzondere jeugdbijstand bedoelde sociale dienst of het Openbaar Ministerie, worden vervangen door een andere maatregel.

Op vraag van de sociale dienst wordt de maatregel gewijzigd. De minderjarigen worden vanaf 13 september 2013 tot 30 januari 2014 onder toezicht van de sociale dienst voor gerechtelijke jeugdbijstand gesteld, in afwachting van de behandeling van de zaak ten gronde. Dit gekoppeld aan de voorwaarde dat de minderjarigen verder in het ouderlijk milieu verblijven op voorwaarde dat zij tijdens de schoolweken op het internaat van MPI x verblijven. De kosten worden gedragen door de subsidiërende overheid.

Auteur: Christine Melkebeek

Bron:

  • Jeugdrechtbank Brugge (wijzigende beschikking) 18 september 2013, onuitg. nr. 1527/2013.

Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van Steunpunt Jeugdhulp en Steunpunt Algemeen Welzijnswerk

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

info@jeugdrecht.be

Copyright Jeugdrecht.be