Voogdij: voornemen van pupil om contraceptiva te gebruiken
Rechtspraak 16/02/2013

Vredegerecht Westerlo 6 juli 2012

​De voogd

De voogd heeft volheid van bevoegdheden inzake de materiële handelingen zowel als rechtshandelingen m.b.t. de persoon van de pupil, zoals het nemen van medische beslissingen. De vrederechter is onbevoegd om aan de voogd machtiging te verlenen om de pupil toe te staan contraceptiva te gebruiken.

In deze zaak is L. voogd over La..

La. wil anticonceptie gebruiken maar haar gynaecoloog weigert haar dit voor te schrijven zonder voorafgaande machtiging van de vrederechter, de voogd en de behandelende geneesheer. De voogd stapt daarop naar de vrederechter.

Gynaecoloog wil enkel contraceptiva voorschrijven na toestemming van zowel de vrederechter, de voogd en de behandelende geneesheer

De voogd van de minderjarige deelt in het verzoekschrift mee dat de gynaecoloog "slechts anticonceptie wenst voor te schrijven na uitdrukkelijke toestemming van zowel de vrederechter als de voogd als de behandelende geneesheer van de afdeling kinderoncologie". De voogd vraagt machtiging aan de vrederechter voor het opstarten van anticonceptie.

Art. 410 Burgerlijk Wetboek omvat een limitatieve lijst van rechtshandelingen waarvoor de voogd de voorafgaande machtiging van de vrederechter nodig heeft. Dit heeft betrekking op het beheer van het vermogen van de minderjarige onder voogdij en geen enkel onderdeel van deze lijst heeft betrekking op de zorg van de persoon en de opvoeding van de pupil.

Voogd heeft mbt zorg en opvoeding pupil volheid van bevoegdheden

De voogd heeft m.b.t. de zorg en de opvoeding "volheid van bevoegdheden", waarbij hij inzake de persoon van de pupil niet enkel bevoegd is voor de materiële handelingen die het onderhoud en de opvoeding van de pupil meebrengen maar evenzeer voor de rechtshandelingen met het oog op het onderwijs (bv. de inschrijving in een school) en de ontspanning (bv. de inschrijving in een sporthal).

De voogd heeft bijgevolg het beslissingsrecht inzake de fundamentele persoonsopties betreffende de pupil en de vrederechter is niet bevoegd om algemene opties voor de opvoeding te bepalen of op te leggen aan de voogd. Deze laatste fungeert als alleenoptredend houder van het gezag over de persoon van zijn pupil en 

beslissingen zoals de toestemming in een medische ingreep of de keuze van een levensbeschouwing neemt de voogd alleen, zonder voorlegging aan de vrederechter. 

De vrederechter is in deze zaak onbevoegd en dient dus geen toestemming te geven voor het gebruik van contraceptiva.

Voogd dient eventuele keuzes van ouders te respecteren 

Volledigheidshalve kan toegevoegd worden dat art. 405, §1, eerste lid Burgerlijk Wetboek aan de voogd oplegt de beginselen te eerbiedigen " waarvoor de ouders eventueel hebben gekozen, inzonderheid wat betreft de aangelegenheden bedoeld in art. 374, tweede lid Burgerlijk Wetboek". Het gaat hier om belangrijke beslissingen betreffende de gezondheid, opvoeding, opleiding en ontspanning en om de godsdienstige en levensbeschouwelijke keuze. De voogd moet daarbij ook oog hebben voor het gebrek aan overeenstemming dat eventueel bij de ouders kan bestaan, en met beslissingen die de jeugdrechter naar aanleiding daarvan eventueel heeft genomen.

Belang van de pupil staat centraal

De voogd moet de groeiende zelfstandigheid van zijn minderjarige pupil in acht nemen. In het algemeen dient te worden beklemtoond dat bij de toepassing van het in art. 405, §1, eerste lid vooropgestelde bepalingen eens te meer het belang van de pupil centraal staat. 

Bron:

  • Vredegerecht Westerlo 6 juli 2012, Rechtskundig Weekblad 2012-2013, 788.

Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van SAM, steunpunt Mens en Samenleving

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be