Nieuw decreet Integrale Jeugdhulp
Rechtspraak 23/10/2013

Decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp

Vlaanderen heeft een nieuw decreet integrale jeugdhulp dat de procedures die toegang geven tot jeugdhulp grondig wijzigt.Het decreet Integrale Jeugdhulp vertrekt niet van de veronderstelling dat professionele, gespecialiseerde hulpverleners altijd klaar staan met oplossingen. Integendeel, het decreet zet de jongere centraal in de hulpverlening. Jongeren die hulp zoeken – en ook hun ouders – weten immers vaak zeer goed wat het probleem is. Met een beetje steun lukt het vaak om samen de moeilijkheden te overwinnen. Van hulpverleners wordt verwacht dat zij eerst de mogelijkheden van de jongere en zijn gezin aanspreken en deze proberen te versterken. Hulpverlening die vertrekt van de kracht van jongeren en hun omgeving, zoekt altijd naar door henzelf gedragen oplossingen.DE TOEGANG TOT MEER INGRIJPENDE HULPHet decreet maakt een onderscheid tussen rechtstreeks en niet-rechtstreeks toegankelijke hulp. Bepaalde vormen van hulp zijn erg ingrijpend, zoals residentiële opvang of intensieve, langdurige behandeling. Zulke hulp is meestal duur en daarom ook niet zomaar toegankelijk voor iedereen. Minderjarigen en hun ouders kunnen daar op eigen initiatief geen beroep op doen. Dat kan enkel na grondige afwegingen. De stap naar meer ingrijpende hulp wordt enkel gezet als er geen andere optie is. Om die afweging te maken, installeert het nieuwe decreet vanaf 2014 in elke provincie een “intersectorale toegangspoort”. De intersectorale toegangspoort vervangt de huidige toegangspoorten in de bijzondere jeugdzorg (de bureaus van de Comités Bijzonder Jeugdzorg) en in de zorg voor personen met een handicap (de provinciale evaluatiecommissies). Zo wordt slechts één instantie bevoegd voor de toegang tot de niet-rechtstreekse toegankelijke jeugdhulp en wordt een meer eenvoudige en transparante werking mogelijk. Zo ontstaat ook de mogelijkheid om hulp uit verschillende sectoren te combineren, zodat minderjarigen niet meer “tussen twee stoelen” vallen.De jeugdhulp koppelt zo snel mogelijk en in zo weinig mogelijk stappen aan elke hulpvraag het minst ingrijpende en meest gepaste beschikbare hulpaanbod. Dat kan bestaan uit rechtstreekse of niet-rechtstreekse toegankelijke modules of uit een combinatie van beide. Bij de rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp is er onderscheid tussen diensten brede instap en diensten met een probleemgebonden aanbod.VERONTRUSTENDE SITUATIES – MAATSCHAPPELIJKE NOODZAAKVerontrustende situaties die naar maatschappelijke noodzaak evolueren, worden aangepakt door 2 soorten gemandateerde voorzieningen: het ondersteuningscentrum jeugdzorg en de vertrouwenscentra kindermishandeling. Een hulpverlener of cliënt kan deze diensten aanspreken om hulpverlening op gang te brengen en de verontrustende situatie in de hand te krijgen. Deze gemandateerde voorzieningen beslissen of er werkelijk sprake is van maatschappelijke noodzaak en besluiten vervolgens op welke manier de situatie verder opgevolgd zal worden (doorgezonden naar het parket, interveniërend casemanagement vanuit de gemandateerde voorziening of observerend casemanagement vanuit de gemandateerde voorziening). Het gaat hier om meer aanklampende hulpverlening.GERECHTELIJKE JEUGDHULPHet Decreet Integrale Jeugdhulp bevat ook een hoofdstuk gerechtelijke jeugdhulp, en vervangt hierdoor een deel van het decreet Bijzondere Jeugdbijstand. Daarin wordt de bevoegdheid van de jeugdrechtbank omschreven om – op vordering van het parket – de situatie te onderzoeken van jongeren die zich in een verontrustende opvoedings- of leefsituatie bevinden. Het bevat ook een opsomming van de maatregelen die door de jeugdrechter kunnen bevolen worden. De maatregelen die de jeugdrechter kan nemen bij hoogdringendheid worden uitgebreid zodat ook ambulante en niet alleen residentiële oplossingen mogelijk worden. En ook hier zal de nadruk blijven liggen op streven naar vrijwilligheid (onderzoek door de sociale dienst of vrijwilligheid mogelijk is) en de minst ingrijpende oplossing eerst.HULPVERLENING IS SAMENWERKENVanuit het decreet IJH wordt ter ondersteuning van de hulpverlening ingezet op bemiddeling en cliëntoverleg. Clientoverleg is een netwerktafel waarbij hulpverleners actief betrokken bij een cliënt samen rond de tafel gaan zitten met de cliënt en een onafhankelijk voorzitter om de hulpverlening op elkaar af te stemmen. Bemiddeling is een overlegtafel met een neutrale, onafhankelijke voorzitter waarbij men een conflictsituatie probeert recht te trekken zodat vrijwillige hulpverlening weer mogelijk wordt bv. bij conflict tussen de hulpverlener en de cliënt of indien de cliënt en de ouders verschillende visie hebben over hulpverlening).Dit vernieuwd jeugdhulplandschap gaat van start op 1 maart 2014. In de regio Oost-Vlaanderen ging men als proefregio op 16 september reeds van start.Bronnen:Decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp, Belgisch Staatsblad 13 september 2013, p. 65154.Besluit van 6 september 2013 van de Vlaamse Regering met betrekking tot de oprichting en de werking van de toegangspoort en van de gemandateerde voorzieningen in de integrale jeugdhulp en van de gerechtelijke jeugdhulpverlening in de regio Oost-Vlaanderen, Belgisch Staatsblad 13 september 2013, p. 65194. (art. 48: “Dit besluit treedt in werking op 16 september 2013). www.belgischstaatsblad.beWebsite integrale jeugdhulp Met vereende krachten naar een nieuwe jeugdhulp in Vlaanderen. Brochure over het Decreet integrale jeugdhulp.Informatie over vormingen over het vernieuwd jeugdhulplandschapInformatie uit de proefregio Oost-Vlaanderen

Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van SAM, steunpunt Mens en Samenleving

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be