Minderjarige jonger dan 12 jaar - gerechtelijke hulpverlening- belang van het kind
Rechtspraak 21/10/2014

Jeugdrechtbank Brugge 27 februari 2014, onuitg.

Hof van beroep Gent 14 mei 2014, arrestnummer J/67/2014, onuitg.

​De feiten

A is een 4 jarige jongen die werd toevertrouwd aan (voorziening) vzw X. Er werd reeds een hele reeks van voorafgaande beslissingen genomen ten aanzien van de jongen.

De jeugdrechtbank is van oordeel dat het nog steeds in het belang van kinderen is om het systeem van gedeelde zorg te handhaven.

De jeugdrechtbank stelt vast dat de relatie tussen de vader en de moeder nog steeds wisselend verloopt. Er is te weinig stabiliteit. De psychische problematiek waarmee de moeder kampt en de invloed daarvan op de kinderen, baart de rechtbank grote zorgen. Haar collocatie werd wel beëindigd. De rechter heeft tot op heden geen zicht op enige psychologische of psychiatrische begeleiding van de moeder. Bovendien blijft de vader onduidelijk over zijn relatie met de moeder. De vader gaat ervan uit dat wanneer de ouders niet samenwonen, er geen probleem is voor de jeugdrechtbank. De vader is een dominant figuur, zoals ook blijkt uit de politionele onderzoeken. De moeder krijgt zelfs de kans niet om iets te zeggen. Zij is trouwens ook de grote afwezige in de begeleiding door de vzw X. De rechtbank dient ook rekening te houden met de geboorte van een dochtertje. Uit een PV van 25 februari 2014 blijkt dat de moeder niet geschikt bevonden wordt om het meisje op te voeden. De situatie wordt te onveilig bevonden. Verder stelt de rechtbank vast dat de vader een bondgenootschap heeft gesloten met de maternele grootvader om de kinderen thuis te krijgen. De rechtbank herinnert de vader eraan dat hij tot op heden steeds contacten tussen de grootouders en de kinderen heeft bestreden. In het verleden hield hij trouwens voor dat de grootouders de kinderen negatief beïnvloedden. De vader is trouwens ook veroordeeld voor het toebrengen van slagen of verwondingen aan de grootvader. De vraag is dan ook hoe lang deze alliantie zal blijven bestaan.

De jeugdrechtbank

De jeugdrechtbank twijfelt er niet aan dat de vader goede bedoelingen heeft en dat hij op materieel gebied in staat is om voor de kinderen te zorgen. Hij neemt ook zijn verantwoordelijkheid op voor zijn kinderen. Hij werkt ook mee met het CLB en staat open voor logopedie en het taalklasje. Daarnaast is de huisvesting van de vader in orde en staat terug onder collectieve schuldbemiddeling. Anderzijds mag de persoonlijkheidsproblematiek van de vader niet uit het oog worden verloren.

Het systeem van gedeelde zorg zoals momenteel geïnstalleerd dient voorlopig gehandhaafd te blijven. Een terugkeer naar huis kan op termijn wel de doelstelling blijven. De maatregelen worden voor één jaar verlengd, onder toezicht van de sociale dienst voor gerechtelijke jeugdbijstand.

Wanneer er geschakeld wordt tussen een verblijf in de voorziening en het thuismilieu zonder verder residentieel verblijf, is er steeds een nieuwe beschikking nodig.

De vader tekent beroep aan tegen deze beschikking.

Hof van Beroep – protectionele zaken

De jeugdrechter heeft op 27 februari 2014 een vonnis uitgesproken op grond van het decreet inzake de Bijzondere Jeugdbijstand. Op 1 maart 2014 is het decreet van 12 juli 2013 betreffende de Integrale Jeugdhulp in werking getreden. Overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 21 februari 2014 betreffende de Integrale Jeugdhulp (IJH) kan gerechtelijke jeugdhulpverlening die in uitvoering is op de datum van de inwerkingtreding van het decreet IJH verder uitgevoerd worden overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 12 juli 2013 en van het besluit.

Het hof van beroep beslist dat het beroep van de vader ongegrond is en bevestigt het vonnis van de rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, Brugge, sectie jeugdrechtbank. De eerste rechter heeft terecht aangenomen dat er een verontrustende situatie (voorheen problematische opvoedingssituatie) bestaat die het noodzakelijk maakt een gerechtelijke maatregel (voorheen afdwingbare pedagogische maatregel) op te leggen. Dit alles onder toezicht van de Sociale Dienst voor Gerechtelijke Jeugdhulpverlening (voorheen Jeugdbijstand).

Bron:

  • Jeugdrechtbank Brugge 27 februari 2014, onuitg.
  • Hof van beroep Gent 14 mei 2014, arrestnummer J/67/2014, onuitg.


Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van SAM, steunpunt Mens en Samenleving

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be