Eenouderadoptie – wettelijk vacuüm in Turkije m.b.t. erkenning voornaam van de adoptiemoeder in de plaats van de biologisch
Rechtspraak 02/05/2016

EHRM Gozüm v. Turkije 20 april 2015, applicatienr. 4789/10.a

​De feiten

Mevr. Gozüm van Turkse nationaliteit, geboren in 1966 en woonachtig Turkije, adopteerde als alleenstaande moeder, E. geboren in 2003. Volgens de Turkse wet, werd “Gözüm” geregistreerd als E’s familienaam in de registers van de burgerlijke stand en op zijn identiteitspapieren. In het vakje “voornaam van de moeder”, werd door de autoriteiten de voornaam van de biologische moeder behouden.

In deze zaak ging het over de weigering van het verzoek van Gözüm, éénouderadoptiemoeder, om haar voornaam toe te voegen aan de persoonlijke documenten van haar adoptiezoon E. in plaats van de voornaam van de biologische moeder van het kind.

Op 23 november 2007 verzocht Gözüm aan de Turkse familierechtbank om de voornaam van de biologische moeder te vervangen door haar eigen voornaam. Zij voerde aan dat de weigering van de Turkse autoriteiten om aan haar verzoek te voldoen discriminerend en in strijd met de Turkse grondwet was.  Zij was van oordeel dat er een vacuüm was in het Turkse recht m.b.t. éénouderadoptie, aangezien er geen kader was voor de erkenning van de voornaam van de adoptiemoeder en dat de Turkse rechtbanken zelf dit vacuüm dienden in te vullen in overeenstemming met artikel 1 BW ofwel een prejudiciële vraag aan het Turkse Grondwettelijk Hof dienden te stellen. Nadat Gözüm de zaak verloor in eerste aanleg, ging ze in beroep op 14 april 2008.

Op 15 maart 2009, terwijl haar beroep hangende was, voerde Turkije een wettelijke hervorming door die alleenstaande adoptiemoeders toeliet dat hun voornaam geregistreerd werd in de plaats van de voornaam van de biologische moeder.

Op 5 november 2009 verwierp het Turkse hoger gerechtshof het beroep van Gözüm en bleef stilzwijgend over de hervorming van de wetgeving. Op 9 november 2010 vroeg Gözüm aan de burgerlijke stand om haar voornaam officieel te registreren als naam van E.’s moeder. Haar verzoek was succesvol en alle officiële documenten van haar kind, werden met onmiddellijke ingang aangepast.

Europees Hof voor de Rechten van de Mens – schending artikel 8 EVRM

Gözüm stapte naar het EHRM. Het Hof stelde dat in deze zaak verschillende tegengestelde belangen waren die niet gemakkelijk te verzoenen waren. Zijnde de belangen van de biologische ouder, het kind, de adoptiefamilie en het algemeen belang. Het Hof stelde vast dat in casu noch de rechtbank noch het hoger gerechtshof het verzoek van Gözüm behandeld hadden overeenkomstig artikel 1 BW, dat de hoven en rechtbanken verzoekt om een juridisch vacuüm in de wet in te vullen. Het Europees Hof was van oordeel dat er een vacuüm was in het Turkse recht m.b.t. éénouderadoptie. Sinds Gözüm haar verzoek had ingediend was er geen basis voor de erkenning van de voornaam van de éénouderadoptant in de plaats van de natuurlijke ouder. Gözüm bevond zich in een zeer onzekere en stressvolle situatie ten aanzien van haar familieleven met haar zoon. Het Hof besliste dat er een schending was van artikel 8 EVRM.

Auteur: Christine Melkebeek, vicevoorzitter Kinderrechtencoalitie Vlaanderen

Bron:

  • EHRM Gozüm v. Turkije 20 april 2015, applicatienr. 4789/10.a


Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van SAM, steunpunt Mens en Samenleving

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be