Corr. Rb. Antwerpen - aanranding van de eerbaarheid op minderjarige – slachtoffer tienerpooier deed zich voor als meerderjarige – klanten slachtoffer krijgen vrijspraak op basis van onoverwinnelijke dwaling
Corr. Antwerpen (afd. Antwerpen)  15 oktober 2018, rolnummer 18/A00878.

​De vijftienjarige X was in 2016 in handen gevallen van een tienerpooier E.F. Het meisje verbleef in een instelling en werd door E.F. hier uit weggelokt en belandde in de prostitutie. E.F. werd in januari 2018 veroordeeld tot zeven jaar cel voor seksuele uitbuiting van het vijftienjarige slachtoffer en nog twee andere meisjes.

Op basis van telefoniegegevens werd een lijst met mogelijke klanten van haar opgesteld en vervolgens werden de foto's van deze mogelijke klanten aan haar getoond. Zeven klanten werden tijdens het onderzoek naar de tienerpooier geïdentificeerd. Ze werden eerst gehoord als getuige, het Openbaar Ministerie besliste daarna om hen te vervolgen en vorderde celstraffen tot één jaar. Twee van hen beweerden geen seksueel contact met het meisje te hebben gehad. Drie beklaagden vroegen de vrijspraak op basis van de "onoverwinnelijke dwaling", het Openbaar Ministerie verzette zich daartegen.

Het meisje deed zich in contactadvertenties voor als meerderjarige. Uit het strafdossier bleek dat potentiële prostitutieklanten bij X terechtkwamen onder de naam Rebecca met een leeftijd van 21 jaar en/of Olivia 24 jaar.  Bijkomend vertelde de contactadvertentie op naam van Rebecca dat ze van Poolse afkomst was en studeerde aan de Universiteit Antwerpen, Olivia zou van Italiaanse afkomst zijn.  Beklaagde beweerde dat hij met haar had afgesproken in een hotel in Antwerpen het was hem niet opgevallen dat ze minderjarig was. Hij betwistte niet dat X slechts vijftien jaar oud was op het ogenblik van het seksueel contact. Hij stelde echter niet geweten te hebben dat ze minderjarig was en beriep zich hiervoor op de onoverwinnelijke dwaling.

Zowel het Openbaar Ministerie als de advocaat van het meisje stelden dat  haar klanten zich hadden moeten vergewissen van haar meerderjarigheid, door haar identiteitskaart te vragen en te controleren.

De correctionele rechtbank was van oordeel dat niet werd aangetoond dat de fysieke kenmerken van het meisje twijfels deden rijzen over haar meerderjarigheid. Niet enkel officiële identiteitsgegevens kunnen de dwaling van de beklaagde onoverwinnelijk maken, maar ook overeenstemmende feitelijke elementen.

De rechtbank stelde vast dat X  contact legde met de beklaagde via een professionele site voor escorte-diensten, er werd vermeld dat ze 24 jaar oud was en studeerde aan de universiteit. X vertelde beklaagde dat ze het geld nodig had voor haar studies.

Beklaagde verklaarde uitdrukkelijk dat hij niet op de hoogte was van haar leeftijd. In deze omstandigheden staat niet vast dat de beklaagde niet in een onoverwinnelijke dwaling verkeerde met betrekking tot de leeftijd van X, zodat de feiten van de tenlastelegging hem niet kunnen worden toegerekend. Hij werd vrijgesproken voor het aanranden van de eerbaarheid. De burgerlijke vordering werd ongegrond verklaard.

De correctionele rechtbank hanteerde eenzelfde motivering in de vonnissen tegenover de andere twee beklaagden.

Er werd hoger beroep aangetekend.


Bron

Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van SAM, steunpunt Mens en Samenleving

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be