Betwisting schoolresultaten: Voorlopige maatregel tot uitreiking van een A-attest
Rechtspraak - 17/12/2012
Arrest Raad van State 13 november 2012, nr. 221.394

Leerlingen en studenten kunnen hun schoolresultaten aanvechten, eerst met een intern beroep (binnen de school of onderwijsinstelling) en als dat niet tot een oplossing leidt, met een beroep bij de administratieve rechter. Studenten in het hoger onderwijs tekenen beroep aan bij de Raad voor Betwistingen inzake studievoortgangbeslissingen (met de Raad van State als cassatierechter), terwijl leerlingen in het secundair onderwijs rechtstreeks naar de Raad van State moeten stappen.

Waar er in 5.600 Vlaamse scholen les wordt gegeven aan meer dan 1,3 miljoen leerlingen, zetten jaarlijks 10 à 15 leerlingen de stap naar de Raad van State. De Raad merkt daarbij op, dat hij zich tot nu toe zo heeft weten te organiseren dat leerlingen die hun zaak voorleggen met een beroep op de uiterst dringende noodzakelijkheid, meestal binnen een week na het inleiden van hun vordering al een arrest in handen hebben. Onderwijsinstellingen laten voor het intern beroep vaak de gehele vakantieperiode verstrijken zodat die betwistingen bij de Raad van State traditioneel in september en oktober te situeren zijn.

De Raad van State wijst in zijn arresten steeds op de autonomie van de delibererende klassenraad in de Vlaamse Gemeenschap om aan het al dan niet slagen van een leerling het finale oordeel te vellen.

Dit schooljaar is de Raad van State echter uitzonderlijk geconfronteerd geworden met een onwillige klassenraad, die keer op keer naliet de eerdere uitspraken na te leven. De Raad van State heeft daarom bij dit arrest de delibererende klassenraad de voorlopige maatregel opgelegd om, minstens in afwachting van een uitspraak ten gronde, aan een leerlinge een oriënteringsattest A uit te reiken. Naar het oordeel van de Raad van State is gezien de historiek van de zaak, de autonome en discretionnaire bevoegdheid van de delibererende klassenraad zodanig versmald dat deze geen andere keuze meer heeft dan de toekenning aan de betrokken leerlinge, tenminste voorlopig, van een A-attest.


De feiten en beslissing Raad van State.

Op het einde van het schooljaar 2011-2012 beslist de delibererende klassenraad Elisa een oriënteringsattest C toe te kennen. Na beroep bij de beroepscommissie en op beslissing van het schoolbestuur gaat de delibererende klassenraad eind augustus over tot een nieuwe beraadslaging. De klassenraad beslist opnieuw om een oriënteringsattest C uit te reiken. Die beslissing wordt door de Raad van State geschorst (arrest nr. 220.744 van 25 september 2012).

De delibererende klassenraad besluit op eind oktober Elisa bijkomende proeven op te leggen voor een aantal vakken om haar alsnog de kans te geven om te bewijzen dat ze de leerplandoelstellingen bereikt heeft voor deze vakken. Opnieuw schorst de Raad van State de beslissing van de klassenraad "voor zover daarbij wordt geweigerd aan Elisa een oriënteringsattest A, al dan niet met waarschuwing of andere passende remediëringsopdrachten in het tweede jaar van de derde graad toe te kennen, als voor zover daarbij aan Elisa bijkomende proeven worden opgelegd". (arrest nr. 221.255 van 2 november 2012 )

Een paar dagen later beslist de delibererende klassenraad opnieuw dat Elisa bijkomende proeven voor vier vakken moet afleggen, waarbij de klassenraad naar eigen zeggen "zeer nauwkeurig enkel de leerstofonderdelen (bepaalt) waarvoor Elisa tijdens het schooljaar onvoldoende haalde en waarop de bijkomende proef betrekking zal hebben". Nadat hij op 22 november 2012 kennis zal hebben genomen van de resultaten voor de bijkomende proeven, zal de klassenraad een eindbeslissing nemen over het al dan niet slagen van Elisa.

Elisa zegt dat het dringende verlies van een schooljaar voor haar een moeilijk te herstellen nadeel uitmaakt en dat een vordering ingesteld volgens de gewone schorsingsprocedure riskeert te laat te komen om dit verlies te keren. Nadeel en hoogdringendheid worden alleen maar acuter. Elisa betwist haar tekorten niet, noch het feit dat die tekorten een C-attest verantwoorden. Zij vroeg de directeur van de school of zij bijkomende proeven mocht afleggen. Daarbij beriep zij zich op een aantal uitzonderlijke omstandigheden, zoals de echtscheiding van haar ouders, de ernstige ziekte van haar grootvader, het einde van de relatie met haar vriend, pestgedrag door medeleerlingen en een gebrek aan psychologische begeleiding vóór en tijdens de examens. Daarnaast heeft Elisa leerstoornissen, waarvoor de school een contract had opgesteld. Elisa voert aan dat de school het contract niet voldoende heeft opgevolgd. Bijkomende proeven mocht ze niet meer doen.

De Raad van State beveelt opnieuw de schorsing van de beslissing van de klassenraad bij uiterst dringende noodzakelijkheid en legt hen op om:
- uiterlijk op vrijdag 16 november samen te komen en aan Elisa, minstens in afwachting van een uitspraak ten gronde, een oriënteringsattest A uit te reiken, al dan niet met waarschuwing of andere passende remediëringsopdrachten in het tweede jaar van de derde graad en
- haar die beslissing ten laatste op dezelfde dag ter kennis te brengen via telefoon of e-mail en per aangetekende brief. Met ingang van 17 november 2012 zal een dwangsom van 1250 euro verschuldigd zijn per begonnen dag dat de hiervoor opgelegde maatregelen niet zijn nageleefd.


Auteur: Christine Melkebeek D.C.I.-Vlaanderen


Bronnen

  • Arrest Raad van State 13 november 2012, nr. 221.394
  • M. VERHOEVEN, "Raad van State verplicht klassenraad A-attest af te geven", De Juristenkrant 2012, nr. 259, 4.

Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van SAM, steunpunt Mens en Samenleving

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be