Afwijzing grootouderadoptie
Rechtspraak 02/03/2015

Rechtbank eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, sectie Familie en Jeugdrechtbank 14 oktober 2014, nr; 14/1609/B, onuitg.

​De feiten: grootmoeder wenste haar kleinkind te adopteren

X is een meisje van 3 jaar dat sinds februari 2012 bij haar grootmoeder verblijft met medeweten en met akkoord van de moeder. De moeder is de dochter van de grootmoeder. De grootmoeder wenste haar familienaam mee te geven aan het kind. De voornaam kon/mocht behouden blijven. De grootmoeder voerde aan dat zij als kandidaat-adoptant met succes de voorbereiding volgde georganiseerd door de Vlaamse Gemeenschap.

De grootmoeder vorderde voor de jeugdrechtbank dat haar vordering ontvankelijk en gegrond werd verklaard en dat de volle adoptie werd uitgesproken. De moeder van het meisje betwistte de vordering niet, en verklaarde zich akkoord met de voorgenomen adoptie van haar dochtertje.

Beoordeling door de Jeugdrechtbank

Het Openbaar Ministerie adviseerde negatief. 

De rechtbank stelde niet in vraag dat het meisje goed wordt opgevangen/opgevoed door de moederlijke grootmoeder. Vraag was of het aangewezen en opportuun en/of noodzakelijk is dat het meisje te volle diende te worden geadopteerd door haar grootmoeder.

Het antwoord daarop was negatief. De rechtbank stelde dat de eerdere erkenning ongeldig werd verklaard en dus teniet werd gedaan gelet op de vaststelling van de morele dwang die de grootmoeder uitoefende bij deze erkenning, die zodoende was aangetast door een gebrek.

De rechtbank was de mening toegedaan dat men niet zomaar de staat en de persoon van een kind verhandelt, gezien dit de openbare orde raakt. Het is niet aan partijen om daar (zomaar) over te beslissen.

De rechtbank sloot zich volmondig aan bij het advies van het Openbaar Ministerie, temeer een dergelijke ingrijpende beslissing in deze zaak niet noodzakelijk vereist was vanuit het belang van het kind: er is en blijft de natuurlijke afstammingsband op grond waarvan de grootmoeder verder kan instaan voor het meisje en dit naast het alternatief van pleegvoogdij.

De rechtbank stelde vast dat er anderzijds een goede band is blijven bestaan en nog steeds bestaat tussen de moeder en de grootmoeder, alsook tussen hen en het kind: er zijn aldus geen uitzonderlijke omstandigheden voorhanden om de familiale orde ingrijpend te wijzigen ten gevolge van de vordering tot volle adoptie van de grootmoeder aangaande haar kleinkind.

Voor het overige zal het aan de moeder en grootmoeder toekomen om ten gepaste tijde de afstammingsband duidelijk te maken aan het meisje en zich inmiddels daarnaar te gedragen. Het komt de rechtbank eigenaardig voor dat de grootmoeder zich voorhoudt als moeder en de moeder zich voorhoudt als grote zus.

De vordering werd integraal als ongegrond afgewezen.

Grootouderadoptie

De vraag of grootouders hun kleinkinderen kunnen adopteren is omstreden (R. UYTTENDAELE, “Volle eenouderadoptie”, in P. SENAEVE (ed.), Adoptie, Verlatenverklaring van minderjarige, Leuven, Acco, 1990, 112-118, nr. 147-151). Principieel is zowel de gewone adoptie als de volle adoptie van een kleinkind toegelaten, zelfs tijdens het leven van de ouder, kind van de adoptanten (Gent (Jk.) 18 december 1975, RW 1985-86, 1496: adoptie is niet noodzakelijk strijdig met de openbare orde). Adoptie door de grootouders dient bijgevolg in elk geval afzonderlijk op eigen merites getoetst te worden. (Gent (Jk.) 18 december 1975, RW 1975-76, 1496).

Bepaalde rechtspraak staat nochtans zeer weigerachtig tegenover dergelijke adoptie, omdat zij de afstammingsschakels vervalst (generatiesprong): van verwant in de tweede graad wordt het geadopteerde kind een verwant in de eerste graad van zijn oorspronkelijke grootouders. Zij staat dergelijke adoptie slechts toe wanneer zeer uitzonderlijke omstandigheden de verstoring van de familiale orde verantwoorden (Luik 12 september 1989, JT 1990, 161; Brussel 2 december 1977, JT 1978, 192; Bergen (Jk.) 27 maart 1981, Rev. Trim. Dr. Fam. 1982, 287; Antwerpen (Jk.) 17 mei 1985, RW 1985-86, 2840 en Rb. Turnhout 9 november 1995, Turnh. Rechtsl. 1994-95, 107).

Sommige rechters geven in geval van adoptie door grootouders de voorkeur aan de gewone adoptie boven de volle adoptie, omdat dan de verwantschapsband met de ouder, kind van de adoptanten, niet in een sibling-relatie wordt omgezet, nu de gewone adoptie geen gevolgen teweegbrengt naar de verwanten van de adoptanten toe (het kleinkind wordt in dat geval immers wel het kind van zijn grootouders, maar niet de broer of zus van zijn ouder, Brussel 2 december 1977, JT 1978, 193, noot F. POELMAN).

Auteur: Christine Melkebeek, vicevoorzitter Kinderrechtencoalitie Vlaanderen

Dit vonnis zal geannoteerd worden in TJK 2015/3 door R. Vasseur, Substituut-procureur des Konings, rechtbank eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge.

Bron:

  • Rechtbank eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, sectie Familie en Jeugdrechtbank 14 oktober 2014, nr; 14/1609/B, onuitg.


Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van SAM, steunpunt Mens en Samenleving

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be