Afstamming - homologatie
Rechtspraak 26/06/2015

Hof van Cassatie 20 februari 2015, C.14.0202.N, Juridat.

​De feiten

Erflater en grootvader R. overleed op 27 december 2006. Hij had een dochter I. en een zoon Y. Zijn dochter heeft één dochter. De zoon heeft twee dochters geboren in 1985 en 1983. Y. heeft bij akte van 21 november 1991 zijn twee dochters erkend zonder dat de akte van erkenning werd aangeboden ter homologatie.Y. was van 27 september 1991 tot 7 januari 2003 getrouwd met N., die niet de moeder was van zijn twee dochters. Er waren geen gemeenschappelijke kinderen. Hij overleed op 5 mei 2004.

Rechtbank eerste aanleg

De rechter oordeelde dat de kinderen van wijlen Y. niet meer konden opkomen in de nalatenschap van hun grootvader omdat de erkenning door hun overleden vader niet werd gevolgd door een homologatie, niettegenstaande het kinderloos huwelijk tussen de overleden vader en hun stiefmoeder reeds ontbonden was.

Hof van Beroep Gent

De dochters van Y. zijn bij verzoekschrift van 10 december 2008 tussengekomen in de verdeling van de nalatenschap van hun grootvader. Het cassatieberoep was gericht tegen een arrest van het hof van beroep te Gent van 12 december 2013.

Hof van Cassatie

Volgens artikel 731 BW, komen erfenissen toe aan de kinderen en de afstammelingen van de overledene, aan zijn noch uit de echt noch van tafel en bed gescheiden echtgenoot, aan zijn bloedverwanten in de opgaande lijn en aan zijn bloedverwanten in de zijlijn. Krachtens artikel 739 BW, is plaatsvervulling een fictie van de wet, volgens welke de vertegenwoordigers in de plaats, de graad en de rechten van de vertegenwoordigde treden. 

Artikel 745 BW bepaalt dat de kinderen of hun afstammelingen erven van hun ouders, grootouders of verdere bloedverwanten in de opgaande lijn zonder onderscheid van geslacht of geboorte, ook al hebben zij niet dezelfde ouders en ongeacht de wijze waarop hun afstamming is vastgesteld. Zij erven voor gelijke delen en bij hoofden wanneer zij allen in de eerste graad staan en uit eigen hoofde geroepen worden. Zij erven bij staken, wanneer zij allen of een gedeelte van hen bij plaatsvervulling opkomen.

Overeenkomstig artikel 319 bis BW dient wanneer de vader gehuwd is en een kind erkent dat is verwekt bij een andere vrouw waarvan hij niet de echtgenoot is, de akte van erkenning tevens bij verzoekschrift ter homologatie voorgelegd worden aan de rechtbank van eerste aanleg van de woonplaats van het kind en dient de echtgenoot of de echtgenote van de verzoeker in het geding betrokken te worden. Deze bepaling strekt ertoe aan de echtgenote de mogelijkheid te bieden zich tegen de erkenning te verzetten. Deze verplichting tot homologatie is niet meer aan de orde na de ontbinding van het huwelijk dat zonder gemeenschappelijke kinderen is gebleven.

De rechters in beroep, die onder verwijzing naar de redenen van de eerste rechter, oordeelden dat de dochters van Y. niet konden opkomen in de nalatenschap van hun grootvader, omdat hun erkenning door wijlen hun vader niet gevolgd werd door een homologatie, niettegenstaande het kinderloos huwelijk tussen hun vader en hun stiefmoeder ontbonden was, verantwoordden hun beslissing niet naar recht. Het Hof van Cassatie vernietigde het arrest van het hof van beroep van Gent en de zaak werd verwezen naar het hof van beroep te Antwerpen.

De term natuurlijke kinderen verdween in 1987

In dit arrest wordt gewag gemaakt van de term natuurlijke kinderen. Door de wet van 31 maart 1987 (BS 27 mei 1987, 8250) verdween het onderscheid tussen wettige en natuurlijke kinderen. De wet werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 23 mei 1987. De wetgever van 1987 heeft de volledige gelijkheid van alle kinderen nagestreefd. Artikel 334 BW: “De afstamming brengt ongeacht de wijze waarop ze werd vastgesteld, ongeacht de omstandigheden van de verwekking, gelijke gevolgen van alle kinderen met zich mee”. Principieel hebben de huwelijks- en buitenhuwelijks kinderen van een persoon-echtgenoot-ouder dezelfde rechter en verplichtingen. (G. BAETEMAN, “Het afstammingsrecht in België”, TPR (Tijdschrift voor Privaatrecht) 1989, 1571.

De erkenning

Het vaderschap komt vast te staan door erkenning. Hierbij gelden de dezelfde voorwaarden als voor de kinderen geboren buiten elk huwelijksverband. Als de vader gehuwd is en het kind erkent dat verwekt is bij een andere vrouw dan zijn echtgenote moet de erkenning van het vaderschap ter kennis worden gebracht van zijn echtgenote/echtgenoot. Vóór 1 juli 2007 volstond de eenvoudige vaderlijke erkenning niet, de erkenning moest worden gehomologeerd. Nu is homologatie nog alleen nodig voor erkenningen van vóór 1 juli 2007.


Auteur: Christine Melkebeek vicevoorzitter Kinderrechtencoalitie Vlaanderen

Bron:

  • Hof van Cassatie 20 februari 2015, C.14.0202.N, Juridat.


Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van SAM, steunpunt Mens en Samenleving

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be