2017-03 Jong en vader: erkenning van het vaderschap
Update van 2009-12 Jong en vader: erkenning van het vaderschap

​Sylvester, 17 jaar, kreeg net van zijn vriendin Sara, 16 jaar, te horen dat ze zwanger is. 'Daar gaat mijn jeugd' dacht hij. Zeventien jaar oud en zo'n grote verantwoordelijkheid in het vooruitzicht. Maar na lang worstelen met het idee neemt hij zich voor een goede papa te worden.

Drie jaar later is Shadé, de dochter van Sylvester, 2 jaar. Sylvester had geen idee hoe hij zijn kind moest erkennen. Pas na een lange zoektocht was het voor de jonge vader duidelijk hoe Shadé ook wettelijk zijn dochter werd. Maar welke rechten en plichten daarbij hoorden, wist hij niet precies. 


Mag een zwangerschap verzwegen worden?

Net zoals een meerderjarige zwangere vrouw, is een minderjarig meisje volgens de wet niet verplicht de vader, in te lichten over de zwangerschap, noch over haar beslissing een abortus uit te voeren. De tienervader is compleet afhankelijk van de goodwill van het meisje.
Nochtans is het om verschillende redenen belangrijk de jongen bij de zwangerschap te betrekken, zeker als het meisje beslist om de zwangerschap uit te dragen. Opvang en begeleiding van de tienerjongen kan belangrijk zijn voor zijn psychologisch welbevinden. Anderzijds is de betrokkenheid van de vader ook belangrijk voor het kind.


Wie is de moeder van een kind?

De (Belgische) biologische moeder is automatisch ook juridisch moeder van een kind, door de aangifte bij de burgerlijke stand van de plaats van geboorte.


Wie is de juridische vader van het kind?

Het juridisch vaderschap staat niet automatisch vast door de geboorte. Dat wil zeggen dat de biologische vader en de juridische vader een andere persoon kunnen zijn. De afstamming van vaderszijde kan op drie manieren worden vastgesteld voor de wet.

1. Binnen het huwelijk: het vermoeden van vaderschap

In eerste instantie is er voor kinderen die geboren worden binnen het huwelijk 'het vermoeden van vaderschap'. Dit is voor een man de enige manier waarop hij automatisch (juridisch) vader kan worden. Er bestaat wel nog een bepaling van 'vaderschapsbetwisting op tegenbewijs'. Dus zelfs binnen een huwelijk kan je onder zeer beperkte voorwaarden je juridisch vaderschap betwisten. Aangezien weinig tienerkoppels getrouwd zijn, gaan we hier niet verder op in.

2. Erkenning van het vaderschap bij de ambtenaar van de burgerlijke stand

Wanneer het kind niet binnen een huwelijk geboren wordt, moet het vaderschap vastgesteld worden. Dat kan via 'erkenning'. De erkenning gebeurt bij de ambtenaar van de burgerlijke stand.

De erkenning kan sinds april 2017 reeds plaatsvinden vanaf de prille zwangerschap. Vroeger was dit pas vanaf de 6e maand zwangerschap.  De biologische vader hoeft hiervoor niet meerderjarig te zijn. Moeder moet dan wel instemmen met de erkenning. De erkenning ten gunste van een verwekt kind kan gebeuren op elk ogenblik van de zwangerschap, op basis van een zwangerschapstest opgesteld door een geneesheer of vroedvrouw.

Ook na de geboorte kan de erkenning gebeuren, de erkenning is aan geen enkele termijn onderworpen. Als het kind minderjarig is, moet moeder steeds instemmen met de erkenning. Vanaf 12 jaar moet ook het kind mee instemmen met de erkenning. Van zodra het kind meerderjarig is, is alleen de instemming van het kind nodig.

Concreet betekent dit dat de moeder van een minderjarig kind, het kind vanaf 12 jaar of een meerderjarig kind mee moet(en) gaan naar de ambtenaar van de burgerlijke stand om zelf hun toestemming te geven.

Als moeder overleden is, dan kan de biologische vader het kind toch nog erkennen, zelfs al heeft hij geen contact met het kind. De vermoedelijke vader gaat hiervoor naar de ambtenaar van de burgerlijke stand (van de gemeente waar het kind geboren is). De voorafgaandelijke instemming van een minderjarig kind vanaf 12 jaar is hier niet vereist! De ambtenaar van de burgerlijke stand zal vervolgens de wettelijke vertegenwoordiger van het kind en ook het kind ouder dan 12 jaar op de hoogte brengen. De wettelijke vertegenwoordiger of het kind vanaf 12 jaar kan binnen 6 maanden de erkenning betwisten bij de familierechtbank.

Wat als moeder en/of het kind niet instemmen met de erkenning? Als het kind meerderjarig is, kan de vermoedelijke vader geen verdere stappen meer zetten, een meerderjarig kind heeft immers een vetorecht. De vader van een minderjarig kind kan bij een toestemmingsweigering wel gerechtelijke stappen zetten. Hij dient hiervoor een vordering (dagvaarding) in bij de familierechtbank van eerste aanleg, die dan een verzoeningspoging onderneemt. Als de verzoening mislukt doet de rechtbank uitspraak. Vaak zal de rechtbank dan een genetisch onderzoek bevelen om bewijs te leveren van de afstamming. Ook hier is de vordering aan geen enkele termijn onderworpen. Vader kan dus jaren na de toestemmingsweigering een vordering indienen bij de familierechtbank.

3. Onderzoek naar het vaderschap

a. Gerechtelijke procedure

Wanneer de vermoedelijke vader van het kind niet met de moeder is getrouwd en weigert te erkennen, kan de moeder (en het kind moet vanaf 12 jaar instemmen) een onderzoek naar vaderschap bij de familierechtbank opstarten (art. 331 BW)

Tot dertig jaar na de geboorte (of na het niet langer opnemen van de feitelijke vaderrol, in het juridisch jargon heet dit dan 'wanneer het bezit van staat eindigde'), kan de moeder deze gerechtelijke procedure opstarten. Ten aanzien van het kind zelf wordt de termijn geschorst tijdens zijn minderjarigheid. Een kind, van wie de vaderlijke afstemming niet vaststaat, kan dus minimaal tot zijn 48 jaar een vordering tot onderzoek naar vaderschap inleiden.
Tijdens de gerechtelijke procedure moet er worden bewezen dat de vermoedelijke vader de genetische vader van het kind is. De rechter stelt een bepaalde arts aan als gerechtelijk deskundige om de genetische band vast te stellen.

b. Buiten gerechtelijke procedure

De Nationale Raad van de Orde van Geneesheren is van oordeel dat de arts steeds over een rechterlijke beslissing moet beschikken alvorens hij overgaat tot het uitvoeren van een vaderschapstest waarbij een minderjarige is betrokken. De Nationale Raad adviseert de geneesheren om geen vaderschapstest uit te voeren op vraag van een ouder ingeval van een minderjarig kind. 

Volgens de Nationale Raad is het vaststellen van het vaderschap immers geen medische activiteit. Meer bepaald is het vaststellen van het vaderschap geen handeling met een diagnostisch en/of een therapeutisch doel. De Nationale Raad leidt hieruit af dat de ouders niet geldig kunnen instemmen in naam van het kind met de vaderschapstest omdat deze instemming ten koste kan gaan van het kind en strijdig is met de fundamentele rechten van het kind. Volgens de Raad kan het uitvoeren van een vaderschapstest waarbij een kind betrokken is vergaande ongunstige gevolgen hebben voor het familiaal leven en de maatschappelijke integratie van het kind. Meer nog, volgens de Raad kan het zelfs gevaren inhouden, aangezien dit kan leiden tot aantasting van de rechtszekerheid van de burgerlijke staat, van de fysieke integriteit en van de persoonlijke integriteit van het kind.

Indien de vaderschapstest betrekking heeft op een meerderjarig kind en de nodige schriftelijke toestemmingen van de partijen werden bekomen, kan de arts dit wel vaststellen zonder tussenkomst van de rechter (Advies 16/06/ 2001).


Waarom je vaderschap juridisch (laten) vastleggen?

Als vader juridisch erkend worden, houdt in dat je de afstammingsband vastlegt. Afstamming creëert een band voor het leven. Afstamming heeft ruimere gevolgen dan het ouderlijk gezag. Een afstammeling zal bvb steeds erven van zijn vader. Een afstammeling zal ook steeds onderhoudsplichtig zijn tov zijn ouders (behalve bij door OCMW erkende billijkheidsredenen).

Via vaststelling van de afstamming (of door adoptie) ontstaat het ouderlijk gezag. Dat is het geheel van bevoegdheden, rechten en plichten die de ouders laten gelden t.a.v. hun kinderen. Beide ouders zijn verantwoordelijk voor huisvesting, levensonderhoud, toezicht, opvoeding en opleiding.


Betekent het dan dat als je niet erkend hebt, je ook niet hoeft te betalen voor het onderhoud van het kind?

In principe komt het daar op neer. Maar. Er bestaat een 'vordering tot uitkering van levensonderhoud', opvoeding en passende opleiding'. Voor deze onderhoudsvordering tegen de verwekker komen alleen die kinderen in aanmerking van wie de vaderlijke afstamming niet (meer) vaststaat. In beginsel kan enkel de persoon om wiens levensonderhoud het gaat de vordering instellen, dus het kind zelf. Maar omdat het kind meestal nog minderjarig is, en dus onbekwaam wordt geacht om zelf naar de familierechtbank te stappen, zal het worden vertegenwoordigd door zijn wettelijke vertegenwoordiger, meestal zijn moeder.

De onderhoudsbijdrage moet binnen een termijn van drie jaar worden gevraagd bij de voorzitter van de Rechtbank van Eerste aanleg. In de regel is dit vanaf de geboorte, tenzij de man eerder al uit eigen beweging een bijdrage betaalde. Dan gaat de termijn in vanaf het ogenblik van het staken van de hulp.

Het Grondwettelijk Hof vindt die vervaltermijn van drie jaar een schendig van het gelijkheidsbeginsel. Rechtbanken kunnen hier sowieso rekening mee houden en ook 'laattijdige' vorderingen behandelen, of zij kunnen bij twijfel opnieuw een vraag stellen aan het Grondwettelijk Hof of die termijn van 3 jaar wel conform de Grondwet is.

De 'loouter biologische' vader kan op die manier wel een onderhoudsplicht oplopen, maar heeft dan geen recht op een omgangsregeling en evenmin ouderlijk gezag. Dat kan enkel als hij dan toch nog het kind erkent. Bij verkrachting is een 'gedwongen' erkenning niet mogelijk.


Wiens naam krijgt het kind?

Als vader met moeder gehuwd is, of hij heeft voor of bij (aangifte van) de geboorte het kind erkend, dan krijgt het kind ofwel de naam van zijn vader, ofwel de naam van zijn moeder, ofwel één die samengesteld is uit hun twee namen, in de door hen gekozen volgorde met niet meer dan één naam voor elk van hen. Ingeval van onenigheid of bij afwezigheid van keuze, draagt het kind de naam van de vader. (Zie artikel: "Kan ik mijn naam laten veranderen?") In alle andere gevallen krijgt het kind de naam van de moeder. Ook al woont de vader samen met de moeder, als hij het kind niet onmiddellijk erkent, krijgt het kind de naam van de moeder.
Gebeurt de erkenning na de geboorte van het kind, dan behoudt het kind in principe de naam van moeder. Beide ouders kunnen wel samen kiezen voor een wijziging naar vadersnaam. Zij leggen hiervoor een verklaring af bij de burgerlijke stand. Dit moet gebeuren binnen 1 jaar na de vaderlijke erkenning. Bovendien moet dit gebeuren voordat het kind meerderjarig wordt. Achteraf is enkel een naamswijziging op initiatief van het meerderjarige kind mogelijk.


Casusoplossing

Sylvester kan samen met Sara naar de ambtenaar van de Burgerlijke Stand van de geboorteplaats gaan en Shadé erkennen. Sylvester en Sara nemen hiervoor hun identiteitskaart en de identiteitskaart van Shadé mee.

Ze kunnen zowel naar het gemeentehuis van hun eigen woonplaats gaan of naar de gemeente van geboorte van het kind. Als de erkenning niet gebeurt in de gemeente van geboorte, dan hebben ze ook een afschrift van de geboorteakte van Shadé nodig. De erkenning is gratis. Shadé behoudt in principe de naam van haar moeder, tenzij Sylvester én Sara wensen dat hun dochter de naam van vader draagt. Vanaf het moment van de erkenning is Sylvester juridisch vader van Shadé. Hij is nu mee verantwoordelijk voor zijn dochter en heeft ook verblijfs en minstens recht op persoonlijk contact.


Auteur : Véronique Hauglustaine
Update: Annelies Peeters, medewerker Jeugdrecht.be, Steunpunt Jeugdhulp
Update: Kim Alliet, medewerker Jeugdrecht.be, Steunpunt Jeugdhulp
Update: Sophie Janssens, juridisch medewerker Steunpunt Jeugdhulp

Update 2017: Kirsten Elen, stafmedewerker Fara 

Bronnen:

  • Art 315 BW en verder
  • artikel 328 §3, nieuw tweede lid BW
  • Wet van 8 mei 2014 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek met het oog op de invoering van de gelijkheid tussen mannen en vrouwen bij de wijze van naamsoverdracht aan het kind en aan de geadopteerde, B.S. van 26 mei 2014
  • Grondwettelijk Hof nr. 74/2004, 12 mei 2004
  • SENAEVE P., SWENNEN F., VERSCHELDEN G. (eds), De hervorming van het afstammingsrecht, Antwerpen, Inersentia, 2007, 444 p.
  • Rep & Roer nr. 18, 2004, Jeugd en Seksualiteit, www.jeugdenseksualiteit.be
  • Jong en vader, CRZ-uitgave.
  • www.faranet.be
  • website Nationale Raad Orde van Geneesheren
  • Lees ook het artikel 2009-05 Jong en moeder

Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van SAM, steunpunt Mens en Samenleving

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be