2017 08 Uit huis zetten van een kind

Update van 2000-12 Uit huis zetten van een kind?

Ken is 22 en woont nog thuis bij  zijn mama, stiefpapa en halfbroer. Er zijn al jaren conflicten thuis. Ken voelt zich benadeeld en niet geapprecieerd, ook niet door zijn mama. Nu heeft mama er mee gedreigd hem buiten te zetten. Ken ziet dit zelf ook als de beste oplossing, maar wil graag nog een jaar thuis blijven om in die periode nog wat geld te verdienen, zodat hij financiële zekerheid heeft als hij zonder werk valt.

Ken heeft hier veel vragen bij : Kan mama mij zomaar buiten zetten? Hoe verloopt dat dan? , Houdt de rechter ook rekening met mijn verhaal? , Als mama een advocaat neemt en wint, kunnen de gerechtskosten dan op mij verhaald worden?


Bij hoogoplopende gezinsconflicten voelen ouders zich er soms toe gedwongen een einde te maken aan het samenleven met hun kind. Kunnen zij hun zoon of dochter het huis uitzetten?

 

De situatie is verschillend voor minderjarige en meerderjarige kinderen.


Minderjarige kinderen

Minderjarige jongeren mogen niet zelf hun verblijfplaats kiezen. Zij moeten verblijven bij de ouder die het ouderlijk gezag uitoefent, of bij hun voogd als ze geen ouders hebben, of op de plaats die deze persoon aanwijst. Soms duidt een rechter aan waar een minderjarige moet verblijven.

Met bijstand van één van de ouders kan een minderjarige zijn verblijfplaats wijzigen en zich op een andere plaats in het bevolkingsregister inschrijven. Enkel voor de eerste adreswijziging als minderjarige is de bijstand van een ouder nodig. Zo kan hij bijvoorbeeld, zonder tussenkomst van de rechtbank, bij zijn grootouders gaan wonen of alleen gaan wonen op voorwaarde dat iedereen het daarmee eens is en dat de situatie niet verontrustend is.

 

Een verblijfplaats (waar je effectief verblijft) is niet hetzelfde als een woonplaats (waar je juridisch gezien kan aangeschreven worden).

Een minderjarige jongere kiest ook niet zelf zijn woonplaats. Artikel 108 Burgerlijk Wetboek zegt dat de niet ontvoogde minderjarige zijn woonplaats heeft in de gezamenlijke verblijfplaats van de ouders of, indien die niet samenleven, in de verblijfplaats van één van hen beiden.

Het is dus mogelijk dat een minderjarige met instemming van de ouders ergens apart verblijft - en dat adres zal dan ook op zijn identiteitskaart staan - maar dan houdt de gemeente ook een steekkaart bij met vermelding van zijn wettelijke woonplaats (bij één van zijn ouders).

 

Art. 203 van het Burgerlijk Wetboek vat de verantwoordelijkheid van ouders voor hun kind als volgt samen: zij staan in voor de huisvesting, het levensonderhoud, het toezicht, de opvoeding en de opleiding van hun kinderen.

Ouders kunnen niet zelf hun minderjarige zoon of dochter de toegang tot het ouderlijk huis ontzeggen. Bij hoogoplopende gezinsmoeilijkheden kunnen minderjarige jongeren in principe (tijdelijk) uit huis geplaatst worden. Lukt dit niet op vrijwillige basis, dan kan een jeugdrechter, in het belang van de minderjarige jongere, een uithuisplaatsing opleggen.


Meerderjarige kinderen

Ook meerderjarige jongeren wonen vaak nog thuis. Bij een meerderjarig kind gelden niet dezelfde regels rond de woon– en de verblijfplaats als bij minderjarige kinderen. Een meerderjarige kiest zelf zijn verblijfplaats en heeft een zelfstandige woonplaats. Als de meerderjarige jongere nog studeert, loopt de onderhouds- en opleidingsplicht van artikel 203 van het Burgerlijk Wetboek na de meerderjarigheid door. Maar de inhoud van de ouderlijke plicht is na de meerderjarigheid beperkt tot het materiële: het bekostigen van uitgaven voor voeding, kleding, huisvesting, studies, ontspanning… Het immateriële aspect (en de beslissingsmacht) met betrekking tot de opvoeding, het toezicht… houdt op bij de meerderjarigheid. Zo zal de meerderjarige zelf zijn inschrijving op de school naar eigen keuze kunnen doen.

Een kind en zijn ouders blijven wel op elke leeftijd aan elkaar respect verschuldigd (artikel 371 Burgerlijk Wetboek). Zo is er vaste rechtspraak dat een jongere die zijn schoolresultaten niet wil meedelen aan zijn ouders geen aanspraak kan maken op een onderhoudsvordering wegens gebrek aan respect voor zijn ouders.

 

Juridisch bekeken verblijft een meerderjarige jongere in het ouderlijk huis op vrijwillige basis, op grond van ouderlijke ‘goodwill’ (en onderhoudsplicht, zie artikel '2000-12 Uitvoering van de onderhoudsplicht: in natura?'). Juridisch kan een meerderjarig kind zijn verblijf thuis niet afdwingen . Een meerderjarig kind heeft meestal geen huurcontract voor zijn kamer in de ouderlijke woning. Er is evenmin een wettelijke bepaling die de verblijfplaats van de meerderjarige in de ouderlijke woning op een speciale manier beschermt.

 

Door de inschrijving in de bevolkingsregisters is er wel een zeker 'recht' om daar ook effectief binnen te gaan. Dat betekent dat ouders niet op eigen houtje de toegang tot de ouderlijke woonst kunnen weigeren en bijvoorbeeld zomaar het slot kunnen veranderen. Als dit toch zou gebeuren, kan de jongere zich wenden tot de vrederechter.

 

Maar wat als het samenleven thuis niet meer te harden is? Ouders zien soms geen andere uitweg dan een (tijdelijke) scheiding met hun kind. Wat als de meerderjarige jongere niet vrijwillig het ouderlijk huis verlaat?


Een gerechtelijke procedure tot uitzetting

Dagvaarding of minnelijke schikking?

Ouders kunnen via een procedure voor de vrederechter aan hun meerderjarig kind de toegang tot de ouderlijke woning ontzeggen. Deze procedure steunt op artikel 591 van het Gerechtelijk Wetboek. Op grond van dit artikel neemt een vrederechter kennis van vorderingen tot uitzetting van plaatsen die zonder recht worden betrokken.

 

Deze procedure kan je starten via een dagvaarding. Ouders schakelen dan een deurwaarder in om het meerderjarig kind voor de vrederechter op te roepen. Maar het is ook mogelijk om via een minnelijke schikking bij de vrederechter aan te kloppen. Beide partijen verschijnen dan vrijwillig voor de rechter. Het proces-verbaal van het akkoord dat eventueel via de tussenkomst van de vrederechter bereikt wordt, heeft dezelfde rechtskracht als een vonnis. Zo’n procedure ‘minnelijke schikking’ is gratis en eenvoudig. Je stapt ervoor naar de griffie van het vredegerecht en je vraagt om de andere partij ‘in verzoening’ op te roepen.

 

De vrederechter zal altijd proberen om een regeling uit te werken waar beide partijen zich min of meer kunnen in vinden. Het feit dat de jongere hier al zo lang woont, nog wat wil sparen zal dus ook meegenomen worden door de vrederechter. We kunnen daarom nog niet voorspellen welke beslissing hij zal nemen.

Hoe lang duurt de procedure?

Als de zaak nu aanhangig wordt gemaakt, zal het nog enkele weken duren (afhankelijk van het arrondissement) vooraleer de zaak voorkomt. Dan duurt het doorgaans nog enkele weken vooraleer je een afschrift kan krijgen van het vonnis. Dit vonnis moet dan nog betekend worden door een gerechtsdeurwaarder en dan loopt er meestal nog een termijn van een maand vooraleer er wordt overgegaan tot een gedwongen uitzetting. Je mag dus grosso modo rekenen op een drietal maanden vooraleer je gedwongen wordt uitgezet.

 

De kans is reëel dat de vrederechter aan de jongere nog wat tijd geeft en dus een langere termijn in acht neemt voor de uithuiszetting, zeker als hierover een akkoord kan bereikt worden tussen de partijen.

Hoeveel kost dat?

Als de procedure via een minnelijke schikking gebeurt, zijn er heel weinig kosten. Je betaalt dan alleen een rolrecht (om je in te schrijven op de rol van de rechtbank). Dit is ongeveer 40 euro. Je betaalt hierbij ook geen rechtsplegingsvergoeding (zie verder)

 

Als je dagvaardt, kom je aan een veel hoger bedrag. Je moet de deurwaarderskosten betalen voor de dagvaarding. Meestal neem je dan ook een advocaat. In dat geval zal de verliezende partij de dagvaardingskosten, het rolrecht en een rechtplegingsvergoeding moeten betalen. De rechtplegingsvergoeding is een forfait die je betaalt voor de kosten van de advocaat. Je hoeft dus niet alle kosten van de advocaat te betalen. De rechter bepaalt dit bedrag. Het basisbedrag is 1440 euro maar de rechter kan hiervan afwijken tot een minimum van 90 euro. Als je nadien het huis niet vrijwillig verlaat op het tijdstip dat bepaald is door de rechter en er volgt een gedwongen uitzetting, moet je ook deze kosten vergoeden.

Gevolgen van de beslissing van de rechter?

Als de vrederechter in het vonnis het meerderjarig kind de toegang tot de ouderlijke woning verbiedt, kunnen ouders bijstand van de politie vragen om hun kind het huis uit te zetten.

Maar het vonnis wijzigt niet de ouderlijke plicht om het meerderjarig studerend kind in zijn levensonderhoud te voorzien. Ook al is het samenleven niet meer mogelijk, toch worden ouders niet van hun onderhoudsplicht ten aanzien van het meerderjarig kind ontlast. Zoals gezegd blijven ouders onderhoudsplichtig na de meerderjarigheid als hun kind nog studeert.

Voor een rechterlijke uitspraak over de wijze waarop ouders hun onderhoudsplicht moeten voldoen, zal de jongere zich moeten wenden tot de familierechtbank.

Casus.

De beste oplossing is dat de mama (eventueel ook stiefpapa, zeker als hij eigenaar is van de woning), tot een akkoord komt met de jongere over de termijn waarop hij het huis zal verlaten zonder gerechtelijke tussenkomst. De jongere weet dat hij het huis in elk geval zal moeten verlaten en de mama zal in elk geval nog verschillende maanden moeten wachten vooraleer de jongere wordt buiten gezet. Als dit toch via de gerechtelijke weg verloopt, dan best via een minnelijke schikking.

 

De rechter zal dan een bemiddelende rol opnemen om alsnog tot een akkoord te komen. Als dit niet lukt, zal mama of stiefpapa de jongere moeten dagvaarden om een vonnis te bekomen. Ook dan is de kans reëel dat de vrederechter aan de jongere nog wat tijd geeft en dus een langere termijn in acht neemt voor de uithuiszetting. De tijdswinst voor de ouders is dus niet zo groot.

 

Auteur: Lieve Balcaen, SAM vzw -Steunpunt Mens en Samenleving

 

Bronnen

 

Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van Steunpunt Jeugdhulp en Steunpunt Algemeen Welzijnswerk

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be