2017-02 (On)Bekwaamheid van minderjarige patiënten
Update van 2013-03 (On)Bekwaamheid van minderjarige patiënten

​​De vader van Vincent, 14 jaar, vraagt aan zijn huisarts om Vincent te controleren op druggebruik. Kan de huisarts dergelijke test echter wel uitvoeren zonder medeweten of toestemming van Vincent?

Lies, 16 jaar, is zwanger. Ze wil de zwangerschap afbreken en stapt naar een gynaecoloog om haar mogelijkheden te bespreken. Ze wil niet dat haar ouders te weten komen dat ze zwanger is en vraagt de gynaecoloog om hen niet in te lichten. Maar kan Lies wel alleen beslissen over een eventuele abortus? En mag de dokter haar ouders in het ongewisse laten?

Tijdens een fietstochtje wordt de 8-jarige Rik aangereden door een auto. Hij loopt hierbij ernstige verwondingen op, en moet dringend een operatie ondergaan en bloed toegediend krijgen. De ouders van Rik, Getuigen van Jehovah, weigeren echter toestemming te geven voor een bloedtransfusie. Wat nu?

 

Principiële (on)bekwaamheid van minderjarigen

Het Burgerlijk Wetboek (B.W.) bepaalt dat minderjarigen handelingsonbekwaam zijn en hierdoor geen handelingen mogen stellen die juridische gevolgen met zich meebrengen, zoals bv. het ondertekenen van een contract, of de inschrijving op school ...

De motivatie achter deze principiële handelingsonbekwaamheid is de veronderstelling dat minderjarigen onbekwaam of incompetent zijn: Minderjarigen kunnen onvoldoende inschatten wat in hun belang is, én kunnen onvoldoende de gevolgen van hun daden inschatten waardoor ze, in hun belang, moeten beschermd worden.

Daarom staan minderjarigen tot hun meerderjarigheid onder het (ouderlijk) gezag van hun wettelijke vertegenwoordigers, nl. hun ouders of voogd: Ouders kunnen in principe alle belangrijke opvoedingsbeslissingen nemen t.a.v. hun minderjarige kinderen, zoals bv. waar hun kinderen wonen, welke studierichting ze volgen,… én vertegenwoordigen hun minderjarige kinderen ook in het rechtsverkeer.

Sinds enkele decennia wordt echter getwijfeld aan het standpunt dat alle minderjarigen incompetente wezens zouden zijn die geen rationele beslissingen kunnen nemen en die daarom beschermd moeten worden. We zien dan ook de voorbije jaren steeds meer uitzonderingen opduiken die het mogelijk maken dat minderjarigen bepaalde juridische beslissingen zelfstandig kunnen nemen. Zo ook in de ‘Wet betreffende de rechten van de patiënt’ en in het ‘Decreet rechtpositie van de minderjarige in de integrale jeugdhulp’ (DRM).


De wet betreffende de rechten van de patiënt

De Wet betreffende de rechten van de patiënt van 22 augustus 2002 (kortweg Wet Patiëntenrechten, of W.P.) somt een aantal rechten van patiënten op die van toepassing zijn wanneer ze gezondheidszorg krijgen, verstrekt door een beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg. De Wet Patiëntenrechten is o.a. van toepassing wanneer een patiënt op consultatie gaat bij de huisarts, specialist, tandarts, diëtist of kinesist. En bv. ook op het contact van een patiënt met de apotheker, ergotherapeut, logopedist, klinisch psycholoog,…

Wanneer beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg werken in de integrale jeugdhulp, zoals een verpleegkundige van het consultatiebureau van Kind en Gezin, een CLB-arts, een psychiater verbonden aan het CGG of een arts die voor het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling werkt, dan is de Wet Patiëntenrechten van toepassing wanneer deze beroepsbeoefenaars gezondheidszorg verstrekken aan de minderjarige cliënt/patiënt. Voor de overige hulpverlening aan de minderjarige cliënten binnen de IJH is het DRM natuurlijk van toepassing.

Soms is er wel regelgeving die bepaalt hoe beroepsbeoefenaars concreet moeten omgaan met de toepassing van specifieke rechten van minderjarige cliënten/patiënten zoals bv. het ‘Besluit van de Vlaamse Regering betreffende het multidisciplinair dossier in de centra voor leerlingenbegeleiding’ dat bepaalt hoe het CLB-personeel, met inbegrip van de beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg, moeten omgaan met de (toegangs-)rechten van minderjarigen t.a.v. hun dossier. En voor wat betreft de Centra Geestelijke Gezondheidszorg werd in december 2007 een dienstnota verstuurd vanuit de administratie waarin bepaald wordt dat het dossier van het CGG in zijn geheel als een medisch dossier beschouwd wordt omdat men binnen het CGG werkt met één multidisciplinair dossier onder de leiding van de psychiater.


De (on)bekwame minderjarige patiënt

De Wet Patiëntenrechten voorzag in 2002 reeds in een wettelijke basis voor de rechten van minderjarigen als patiënt:

Artikel 12 W.P. stelt, in navolging van het B.W., dat minderjarigen principieel onder het gezag van hun ouders vallen én dat ouders als wettelijke vertegenwoordigers daarom de rechten van hun minderjarige kinderen als patiënt uitoefenen. De minderjarige patiënt wordt hierbij wel steeds betrokken rekeninghoudend met zijn leeftijd en maturiteit.
Wanneer de minderjarige patiënt door de betrokken beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg echter bekwaam wordt geacht, oefent deze bovendien zijn patiëntenrechten zoals oa. het recht om te beslissen over zijn gezondheidszorg, en het recht op toegang tot zijn dossier, zelfstandig uit.

De Wet Patiëntenrechten voorziet geen leeftijd waarop de minderjarige bekwaam wordt geacht. Het is de betrokken beroepsbeoefenaar die in een concrete situatie zal kunnen/moeten inschatten of de minderjarige patiënt bekwaam is of niet. M.a.w. of de minderjarige patiënt voldoende kan inschatten wat in zijn belang is, en welke de gevolgen zijn van zijn beslissingen.

We stellen vast dat beroepsbeoefenaars zich bij de inschatting van de bekwaamheid van hun minderjarige patiënt in de praktijk vaak toch laten leiden door een leeftijdscriterium, meer en meer wordt de leeftijd van 12 jaar gebruikt als scharniermoment voor het bereiken van bekwaamheid (wellicht in navolging van het ‘decreet rechtspositie van de minderjarige in de integrale jeugdhulp’ (DRM)). En ook door de aard van het onderzoek, de behandeling of ingreep: Over lichte en risicoarme medische tussenkomsten kunnen bekwame minderjarigen zelfstandig beslissen; over zwaardere, risicovolle tussenkomsten zullen minderjarigen meestal niet alleen mogen beslissen en zal de toestemming van de ouders gevraagd worden (eventueel naast de toestemming van de bekwame minderjarige).

 

Recht om toestemming te geven voor een medische tussenkomst, en om deze te weigeren​​​​

Volgens artikel 8, §1 Wet Patiëntenrechten heeft de patiënt het recht om geïnformeerd, voorafgaandelijk en vrij toe te stemmen in iedere tussenkomst van de beroepsbeoefenaar. Art. 8, §4 W.P. stelt dat de patiënt ook het recht heeft om de in §1 bedoelde toestemming voor een tussenkomst te weigeren of in te trekken.

De bekwame, minderjarige patiënt heeft dus het recht om zelfstandig toe te stemmen met elke medische tussenkomst. Daarnaast heeft de bekwame, minderjarige patiënt evenzeer het recht om een, zelfs levensnoodzakelijke, tussenkomst te weigeren.
Wanneer in een spoedgeval de bekwame, minderjarige patiënt zijn wil niet zou kunnen uiten, bv. omdat hij bewusteloos is, en er geen duidelijkheid bestaat over het al dan niet aanwezig zijn van zijn toestemming, kan de beroepsbeoefenaar wel de noodzakelijke tussenkomsten verrichten in het belang van de gezondheid van de patiënt.

In het geval van een onbekwame, minderjarige patiënt zullen de ouders vanuit hun ouderlijk gezag in de plaats van hun kind dienen toe te stemmen met de tussenkomst van de beroepsbeoefenaar. Ook deze onbekwame, minderjarige patiënten zullen echter betrokken moeten worden bij de beslissingen m.b.t. hun gezondheidszorg.

Wanneer ouders niet in het belang van hun kind zouden beslissen, en zich bijvoorbeeld zouden verzetten tegen een bepaalde behandeling die volgens de beroepsbeoefenaar nochtans noodzakelijk is in het belang van de gezondheid van zijn patiëntje, kan de beroepsbeoefenaar zich tot de gerechtelijke overheid wenden om de toestemming te vragen om de behandeling, tegen de wil van de ouders, toch uit te voeren.
Wanneer ouders bovendien een levensnoodzakelijke ingreep zouden weigeren voor hun onbekwaam, minderjarig kind mag de beroepsbeoefenaar in een spoedeisend geval, zelfs zonder gerechtelijke beslissing, ingrijpen in het belang van de gezondheid van zijn patiënt.

 

Wettelijke bepalingen omtrent, en wettelijke beperkingen op het recht om toe te stemmen met een medische tussenkomst of om deze te weigeren

Naast de Wet Patiëntenrechten zijn er nog enkele wettelijke bepalingen waarmee rekening dient gehouden te worden wanneer het gaat over de mogelijkheid voor minderjarigen om al dan niet toe te stemmen met bepaalde medische tussenkomsten:
Zo voorziet de orgaantransplantatiewet bijvoorbeeld uitdrukkelijk dat minderjarigen vanaf 12 jaar zelf moeten toestemmen vooraleer hun organen of weefsels getransplanteerd kunnen worden naar hun broer of zus. En de abortuswet stelt dat wanneer een zwangere vrouw verklaart in een noodsituatie te verkeren, en een arts verzoekt om haar zwangerschap af te breken, dit geen misdrijf is wanneer aan een aantal voorwaarden is voldaan. De abortuswet spreekt expliciet over ‘de vrouw’ die toestemming geeft. Er is geen leeftijdsbeperking voor het geven van de toestemming opgenomen. Een minderjarig, bekwaam meisje kan dus beslissen om een abortus te laten uitvoeren, zonder medeweten of instemming van haar ouders.

Het recht om toe te stemmen met een bepaalde tussenkomst, of om deze te weigeren kan ook beperkt worden krachtens een wet (of gerechtelijke uitspraak):
Geesteszieke minderjarigen die een gevaar vormen voor zichzelf of voor anderen, of die een ‘als misdrijf omschreven feit (MOF)’ gepleegd hebben, kunnen bijvoorbeeld onder bepaalde voorwaarden gedwongen behandeld en/of opgenomen worden. Daarnaast kan volgens de huidige Euthanasiewet euthanasie enkel legaal gebeuren op verzoek van handelingsbekwame, meerderjarigen of ontvoogde minderjarigen. Noch de ouders van onbekwame, minderjarige patiënten, noch bekwame, minderjarige patiënten zelf kunnen dus om euthanasie vragen. Verder verplicht het CLB-decreet zijn leerlingen om mee te werken aan de algemene en gerichte consulten, en de profylactische maatregelen georganiseerd door een CLB,...

 

Het beroepsgeheim t.a.v. minderjarige patiënten

Als uitgangspunt geldt dat alle minderjarigen, ongeacht hun leeftijd of bekwaamheid, recht hebben op privacy en op een vertrouwelijke behandeling van hun persoonlijke gegevens. Beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg hebben dus in principe ook beroepsgeheim t.a.v. hun minderjarige patiënten. In principe, want er bestaan verschillende wettelijke, of algemeen aanvaarde uitzonderingen, zoals de getuigenis in rechte, de noodtoestand, art. 458bis Sw., het gedeeld beroepsgeheim,… die het mogelijk maken om onder bepaalde omstandigheden het beroepsgeheim te doorbreken.

 

Vraag is of het beroepsgeheim ook geldt t.a.v. de ouders van minderjarige patiënten?
Zoals eerder aangehaald hebben ouders vanuit hun ouderlijk gezag in principe het recht om fundamentele opvoedingsbeslissingen te nemen over hun minderjarige kinderen. Ouders hebben dan ook nood aan, én recht op informatie over hun kinderen om goede beslissingen te kunnen nemen.
Wanneer het gaat om informatie die gedekt wordt door het beroepsgeheim, zal de beroepsbeoefenaar wel steeds zorgvuldig moeten afwegen welke informatie ouders precies nodig hebben onder toepassing van het ouderlijk gezag. Niet zomaar alle informatie moet dus met ouders gedeeld worden.
De Wet Patiëntenrechten voorziet bovendien dat bekwame, minderjarige patiënten zelfstandig kunnen beslissen over hun gezondheidszorg. Hierdoor hebben ouders van bekwame minderjarigen geen nood aan informatie om beslissingen te kunnen nemen voor en over hun kinderen, en geldt het beroepsgeheim tegenover ouders van bekwame, minderjarige patiënten op dezelfde manier als voor meerderjarigen. Met dezelfde uitzonderingen.

 

Oplossingen casussen

Indien de huisarts Vincent als bekwaam inschat, dan kan Vincent zijn patiëntenrechten zelfstandig uitoefenen. De huisarts heeft in dat geval Vincent zijn toestemming nodig om een drugstest te kunnen uitvoeren. Bovendien vallen de resultaten van dit onderzoek onder het beroepsgeheim van de huisarts en kan hij deze in principe niet bespreken met de vader van zijn bekwame patiënt zonder diens toestemming (tenzij er sprake zou zijn van een noodtoestand).

Indien de huisarts echter van mening zou zijn dat Vincent onbekwaam is, dan kan de vader van Vincent beslissingen nemen in het kader van de gezondheidszorg van zijn onbekwame, minderjarige zoon en bv. vragen om een drugscontrole uit te voeren. De huisarts mag de resultaten van deze test dan ook met hem bespreken.


Aangezien een zwangerschap pas voorkomt wanneer een meisje de tienerleeftijd heeft bereikt, én aangezien de abortuswet geen leeftijd vooropstelt waarop een vrouw om een abortus kan vragen, nemen artsen in België aan dat minderjarige, zwangere meisjes die een abortus overwegen, bekwaam zijn om hierover zelf te beslissen. Let wel: Op medisch vlak is een abortus gewoonlijk een lichte ingreep onder lokale verdoving waar weinig risico's aan verbonden zijn. Indien de abortus echter zou doorgaan in een ziekenhuis onder algemene verdoving en dus met meer risico’s, vragen sommige ziekenhuizen in de praktijk toch om de toestemming van de ouders van de minderjarige, naast die van de minderjarige zelf.

In principe kunnen de ouders van deze bekwame, minderjarige patiënten, zonder toestemming van hun dochter, echter niet op de hoogte gebracht worden van de zwangerschap/abortus omdat dit onder het beroepsgeheim van de behandelende arts valt.


De ouders van Rik oefenen, als zijn wettelijke vertegenwoordigers, zijn patiëntenrechten uit. Zij moeten dus toestemmen met de tussenkomsten van de beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg en kunnen deze in principe ook weigeren. Wanneer de behandelende arts een bloedtransfusie noodzakelijk zou vinden, en Rik zijn ouders deze weigeren, moet de arts in principe contact opnemen met het parket om via een gerechtelijke uitspraak de toelating te krijgen om, ondanks het verzet van de ouders, toch een bloedtransfusie toe te dienen. Aangezien het hier echter gaat om een medische urgentie waarbij het leven van Rik in gevaar is, mag de arts Rik, zelfs zonder gerechtelijke uitspraak, een bloedtransfusie toedienen, ondanks het verzet van de ouders.


Auteur: Nele Desmet, jurist Kinderrechtswinkel vzw

 

Bronnen: 

  • Artikels www.jeugdrecht.be: 2002-09/10 Rechten van de patiënt – euthanasie, 2006-03 Decreet betreffende de rechtspositie van de minderjarige in de integrale jeugdhulp , 2009-02 Ongepland zwanger: abortus, 2011-01/02 Geesteszieke minderjarigen, 2011-09/10 Kan een minderjarige kiezen voor orgaandonatie?
  • KINDERRECHTENCOALITIE VLAANDEREN vzw, Kinderrechten in de gezondheidszorg, 2011, 144.
  • KINDERRECHTSWINKEL, ’t Zitemzo Jeugdrecht… met de rechten van minderjarige patiënten, (Informatiefiche voor professionelen), 2012.
  • KINDERRECHTSWINKEL, ’t Zitemzo Jeugdrecht… met het beroepsgeheim ten aanzien van minderjarigen, (Informatiefiche voor professionelen), 2012.
  • NYS, H. ; “Geneeskunde. Recht en medisch handelen”, A.P.R., Kluwer, 2005, 714p.
  • VLAAMS PATIËNTENPLATFORM, Ken je rechten als patiënt, ‘s Gravenwezel, Gemma Reynders-Broos, 2011, 28.
  • VLAAMS AGENTSCHAP ZORG EN GEZONDHEID, Dienstnota van 12 december 2007 betreffende CGG - toepassing van het decreet betreffende de rechtspositie van de minderjarige in de integrale jeugdhulp op het multidisciplinair dossier.
  • Besluit van de Vlaamse Regering betreffende het multidisciplinair dossier in de centra voor leerlingenbegeleiding’ (B.V.R.MDD), B.S. 17 november 2008.
  • Decreet van 7 mei 2004 betreffende de rechtspositie van de minderjarige in de integrale jeugdhulp (DRM), B.S. 4 oktober 2004.
  • Wet van 13 juni 1986 betreffende het wegnemen en transplanteren van organen (Orgaantransplantatiewet), B.S. 14 februari 1987
  • Wet van 3 april 1990 betreffende de zwangerschapsafbreking (Abortuswet), B.S. 5 april 1990.
  • Wet van 28 mei 2002 betreffende de euthanasie (Euthanasiewet), B.S. 22 juni 2002.
  • Wet van 22 augustus 2002 betreffende de rechten van de patiënt (Wet Patiëntenrechten), B.S. 26 september 2002.

Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van SAM, steunpunt Mens en Samenleving

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be