2008-01 Joyriding en verzekering

Jasper is 14 jaar. Hij is met zijn broer een weekend alleen thuis. Hij vat, samen met zijn broer, het plan op een eind te gaan rijden met de auto van moeder, en rijdt eerst tegen een andere wagen, en nadien tegen een paal. Er is behoorlijk wat schade aan de eigen wagen, de wagen van de andere persoon en ook de gemeente vraagt een schadevergoeding voor de beschadigde paal. De wagen van moeder is verzekerd door de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, en moeder heeft ook een familiale verzekering. Wie zal welke schade betalen?

 

De gezinsaansprakelijkheidsverzekering, ook de familiale verzekering genoemd

De gezinsaansprakelijkheidsverzekering is niet wettelijk verplicht. Iedereen kan dus voor zichzelf uitmaken of hij of zij  een familiale verzekering afsluit. Een familiale verzekeringspolis moet steeds aan een aantal wettelijke minimumvereisten voldoen. Het gaat over: wie is verzekerd, waar, tot welk bedrag en welke uitsluitingen zijn er mogelijk.

Ook al staan bepaalde voorwaarden niet expliciet in de polis vermeld, toch kan de verzekerde zich beroepen op de wettelijke minimumgarantievoorwaarden. Het gaat om een wettelijk minimum, dus de verzekeraars kunnen nog bijkomende dekkingen aanbieden, eventueel tegen een meerprijs.

Wie wordt door de familiale verzekering gedekt?

Uiteraard is in de eerste plaatse diegene die de verzekering neemt en onderschrijft (de verzekeringnemer), ook door de verzekering gedekt. De voorwaarde is wel dat deze persoon zijn hoofdverblijf in België heeft. Daarnaast zijn de personen die bij de verzekeringnemer inwonen ook door de gezinsaansprakelijkheidsverzekering verzekerd.

De aansprakelijkheid van kinderen van ouders die feitelijk gescheiden leven of uit de echt gescheiden zijn, worden enkel erkend door de verzekeraar van de ouder bij wie zij inwonen. Een kind dat bijvoorbeeld bij zijn moeder woont, wordt door de familiale verzekeraar van zijn vader niet als verzekerde beschouwd, zelfs wanneer vader de premies heeft doorbetaald en zelfs wanneer het kind schade berokkent aan derden terwijl hij de vakantie bij vader doorbrengt. Gelukkig zijn er verschillende verzekeringsmaatschappijen die een uitbreiding van dekking mogelijk maken in deze situatie, bijvoorbeeld door te voorzien dat de kinderen van de verzekeringnemer verzekerd blijven als zij  fiscaal ten laste zijn of economisch van hem afhankelijk zijn, of zolang zij zelf nog geen gezin hebben gevormd.

Toch is het belangrijk de verzekeringspolis na te kijken telkens wanneer de familiale situatie verandert, bijvoorbeeld ook wanneer (één van) de kinderen voor een korte of langere tijd in een voorziening bijzondere jeugdbijstand verblijft. Het feit dat het kind (tijdelijk) niet thuis woont doet niets af aan het feit dat de ouders aansprakelijk blijven voor de schade die het kind aanricht, maar nu het kind niet langer inwoont bij de ouder, is alleen de ouder nog verzekerd, en kan dit wel aanleiding geven tot niet-dekking in hoofde van het kind zelf.  Kinderen die in een pleeggezin verblijven zijn verzekerd op basis van de familiale verzekering van het pleeggezin (maar de pleegouders zelf zijn enkel aansprakelijk bij een te bewijzen gebrek aan toezicht). Lees het artikel 2003-08 Wie betaalt de schade?

Wat wordt door de familiale verzekering gedekt?

Deze verzekering dekt de buitencontractuele aansprakelijkheid die de verzekerde buiten zijn beroepsactiviteit kan oplopen krachtens de artikelen 1382 tot en met 1386bis B.W.

In mensentaal betekent dit dat je de tussenkomst van de  familiale verzekering kan vragen wanneer jij of iemand van je gezin ongewild schade heeft veroorzaakt aan (de goederen van) een persoon, en wanneer dit is gebeurd in de vrije tijd. Wanneer één van de kinderen per ongeluk een glas chocomelk morst op de nieuwe witte zetel van de buren, kan de verzekering worden aangesproken om deze schade te vergoeden. Meestal wordt er wel een franchise bepaald, een vooraf vastgelegd bedrag dat je altijd zelf moet betalen.

Soms is een  schadegeval het gevolg van een grove of opzettelijke fout van een minderjarige. Moet de familiale verzekering ook deze schade betalen?

Het antwoord op deze vraag is niet zo eenvoudig. Strikt juridisch kan men nooit overeenkomen dat opzettelijk veroorzaakte fouten toch door een verzekering worden gedekt. Opzet is niet verzekerbaar. Dit betekent dat opzettelijke daden van jongeren, ook jonger dan zestien jaar, in beginsel niet door de familiale verzekering worden gedekt. Toch blijken heel wat verzekeringspolissen een clausule te bevatten  waardoor schade veroorzaakt door opzettelijk gedrag van een verzekerde jonger dan 16 jaar wel in de dekking blijft inbegrepen. De redenering die wordt gehanteerd is dat minderjarigen jonger dan 16 jaar niet over voldoende onderscheidingsvermogen beschikken om een “opzettelijke fout” te begaan. Is deze clausule niet in de verzekeringspolis voorzien, dan zal de tussenkomst van de verzekering afhangen van het oordeel van de rechter of de minderjarige dader op het ogenblik van het (opzettelijk) schadeverwekkende feit over het vereiste onderscheidingsvermogen beschikte.

Ook moet een onderscheid worden gemaakt voor wat betreft de tussenkomst van de familiale verzekering voor de ouders, die aansprakelijk zijn voor hun minderjarige kinderen, en voor de tussenkomst voor de kinderen zelf. Voor de ouders moet de familiale verzekering immers STEEDS tussenkomen, voor de kinderen geldt wat hierboven werd uiteengezet. Indien de familiale verzekering tussen kwam voor de ouders, maar de jongere had de schade opzettelijk aangericht, kan de familiale verzekering het geld terugvorderen van de jongere eens hij 18 jaar is geworden.  Meer hierover lees je in het artikel 2006-10 Familiale verzekering: plafond op regresvordering ten aanzien van meerderjarig geworden jongeren.

De familiale verzekering en Joyriding

Joyriding doe je met een motorvoertuig. Motorvoertuigen moeten wettelijk verplicht worden verzekerd. De meeste familiale polissen sluiten hun dekking uit voor een schade of aansprakelijkheid die is onderworpen aan een verplichte verzekering. Opdat de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen tussenkomt moet er sprake zijn van schade die voortvloeit uit het gebruik van een motorrijtuig dat in het verkeer werd gebracht op de openbare weg. Dit betekent dat, wanneer je een ongeval hebt met de wagen en je brengt daarbij ongewild schade toe aan een persoon of aan een ander voertuig, de familiale verzekering in principe niet zal tussenkomen voor het vergoeden van deze schade. De autoverzekeraar moet dan de schade vergoeden. In de wet aansprakelijkheidsverzekering motorvoertuigen werd evenwel bepaald dat de verzekeraar niet moet tussenkomen voor de schade die werd veroorzaakt na (gebruiks)diefstal van het verzekerde voertuig. In zo'n situatie wordt het slachtoffer vergoed door het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds.

De wetgever maakte de cirkel nochtans rond: in het KB met betrekking tot de minimumvoorwaarden voor familiale verzekeringen werd uitdrukkelijk opgenomen dat de familiale verzekering moet tussenkomen voor schade die werd veroorzaakt door jongeren die buiten medeweten van hun ouders of van de personen die voor hen instaan een voertuig of moto besturen zonder dat zij de wettelijk vereiste leeftijd hebben bereikt.  Concreet betekent dit dat de schade aan derden die werd veroorzaakt door een jongere die gaat joyriden steeds wordt gedekt door de familiale verzekering.


Casusoplossing

Nu de minderjarige Jasper schade heeft veroorzaakt toen hij met de auto van moeder ging rijden, zonder haar medeweten, is dit een typevoorbeeld van joyriding. Dit betekent dat de familiale verzekering de schade die Jasper heeft aangericht aan “derden” zal vergoeden. De familiale polis van moeder dekt de persoonlijke burgerlijke aansprakelijheid van de inwonende Jasper en ook haar eigen ouderlijke aansprakelijkheid.

De schade aan de eigen wagen van moeder zal niet door de familiale verzekering worden vergoed. Moeder is als verzekeringnemer immers geen “derde” aan wie schade werd toegebracht.
De schade aan de wagen van de andere persoon en de schade aan de paal zal wel door de familiale verzekering worden vergoed.

Een gouden tip voor alle verzekeringskwesties: lees steeds zeer goed de verzekeringspolis, en neem de polis opnieuw ter hand indien de gezinssituatie wijzigt.

 

Auteur: Sofie Van Rumst, juriste Steunpunt Jeugdhulp

Bronnen:

  • P. DE TAVERNIER,  De buitencontractuele aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door minderjarigen, Antwerpen, Intersentia 2006, 670 p.
  • Koninklijk besluit dd. 12 januari 1984 tot vaststelling van de minimumgarantievoorwaarden van de verzekeringsovereenkomsten tot dekking van de burgerrechtelijke aansprakelijkheid buiten overeenkomst met betrekking tot het privéleven, B.S. 31 januari 1984. (art. 6 somt de mogelijke uitsluitingsgronden op)
  • Wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, B.S. 8 december 1989.
  • Cass. AR 2077, 25 januari 1984 (Lenglet / Royale Belge N.V.), Arr. Cass. 1983-84, 611; , Bull. 1984, 571; , J.T. 1985, 127; , Pas. 1984, I, 571; , R.W. 1984-85, 1249, noot; Art. 3, par. 1, van de gemeenschappelijke bepalingen behorende bij de Benelux-Overeenkomst betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, dat onder meer bepaalt dat de verzekering de burgerrechtelijke aansprakelijkheid niet behoeft te dekken van hen die zich door diefstal de macht over het motorrijtuig hebben verschaft, moet worden uitgelegd in die zin dat de aldus bepaalde uitsluiting van toepassing is op het bedrieglijk wegnemen van een motorrijtuig toebehorende aan een ander, voor een kortstondig gebruik. Art. 462, lid 1 Sw., waarin bepaald wordt dat diefstallen door descendenten gepleegd ten nadele van hun ascendenten enkel aanleiding geven tot burgerrechtelijke vorderingen, neemt aan het feit het karakter van misdrijf niet weg.

Over Jeugdrecht.be

Jeugdrecht.be is een initiatief van SAM, steunpunt Mens en Samenleving

Gerealiseerd met de steun van de Vlaamse Overheid

Contactgegevens:

jeugdrecht@samvzw.be

Copyright Jeugdrecht.be