Skip Ribbon Commands
Skip to main content
Inloggen

Skip Navigation LinksFAQ

Vraag
Antwoord
  
Thema's
  
FAQ Keywords
  
Publiceren in
  

​Een vader is voortvluchtig en wil de kinderen komen uitleggen dat hij een tijdje de gevangenis in gaat. Mogen we dat toelaten? Moeten we of mogen we de politie verwittigen?

​Hulpverleners hebben beroepsgeheim. Dat wil zeggen dat dit vertrouwelijke informatie is en dat jullie de politie niet moeten verwittigen. Tenzij jullie menen dat er handelingen gesteld zullen worden naar de kinderen die een gevaar voor de kinderen met zich meebrengen bijvoorbeeld dat de vader de kinderen mee zou nemen op zijn vlucht, dan moeten jullie wel handelen in het belang van de kinderen. Dit kan bijvoorbeeld door de verwijzer op de hoogte te brengen zodat die aangepaste maatregelen kan nemen. Het gaat dan om gegevens die relevant zijn om de maatregelen naar de kinderen toe te evalueren. Als er werkelijk een acuut gevaar dreigt voor de kinderen, kan je ook contact nemen met anderen om de veiligheid van de kinderen te garanderen. Het gaat dan niet om het verwittigen van de politie om papa opgepakt te zien maar wel om te zoeken naar een oplossing om de veiligheid van de kinderen te garanderen.

Je moet hier dus eigenlijk de kaders van beroepsgeheim, en de mogelijkheden tot het doorbreken van het beroepsgeheim, toepassen.

Zelfs een voortvluchtige ouder heeft bovendien recht op informatie van zijn kinderen en recht op contact met zijn kinderen (tenzij hiervoor een verbod uitgesproken is).

Een voortvluchtige vader wil zijn kinderen komen uitleggen dat hij een tijdje de gevangenis in gaat.Beroepsgeheimpolitie; voortvluchtig; oudersJeugdrecht
 Wie mogen/moeten we inlichten bij een (onrustwekkende) verdwijning? Wat met het beroepsgeheim?

Er zijn geen specifieke procedures over hoe om te gaan met een onrustwekkende verdwijning, dit wordt echter vaak geregeld in protocollen tussen de voorziening en de politie.

Bij weglopen uit een voorziening BJB gaat het wel om een (ernstige) gebeurtenis die je moet melden binnen de 48h aan de administratie en, in voorkomend geval, aan de gemandateerde voorziening of aan de jeugdrechtbank en de sociale dienst.

Daarnaast moet je bij een onrustwekkende verdwijning ook aangifte doen bij de politie. De politie heeft daarvoor bepaalde procedures. Als je aangifte gaat doen, moet je echter ook oog blijven houden voor je beroepsgeheim. De politie moet een jongere kunnen opsporen en mag in dat kader uiteraard over de elementen beschikken die daartoe zouden kunnen bijdragen met zoveel mogelijk respect voor de privacy van de jongere. Dat is ook in het belang van de jongere zelf. Je geeft de politie al de informatie noodzakelijk om de jongere te kunnen terugvinden bv. kleur trui, nog gegeten, ..., maar niet het hele hulpverleningsverhaal of niet het adresboekje van de jongere (de vriendenkring van de jongere kan je misschien wel zelf contacteren). De rest van de informatie valt onder je beroepsgeheim en die informatie kan je wel geven maar enkel voor een rechter, afhankelijk van hoe onrustwekkend je de verdwijning inschat.

Voor jongeren geplaatst door de jeugdrechtbank, geldt daarenboven artikel 433 bis SW over het in beeld brengen van deze jongere of het prijsgeven van zijn identiteit. Die tegenindicatie zal je wel moeten meegeven opdat er rekening mee wordt gehouden bij de beslissing al dan niet een opsporingsbericht in de media te laten verschijnen.

Ouders hebben op basis van hun ouderlijk gezag recht op informatie over de jongere. Je zal hen dus best inlichten, tenzij dat niet in het belang van de jongere is. Als de jongere jullie expliciet heeft gevraagd zijn ouders niet in te lichten of als hij jullie laat weten waar hij is maar niet wil dat zijn ouders dit weten, moet je dit ook respecteren. Je kan dan het beste met de jongere afspreken dat je de ouders (en de politie) inlicht dat hij in veiligheid is, maar dat je omwille van je beroepsgeheim niet de verblijfsgegevens kan geven.

Wat doen we met ons beroepsgeheim bij verdwijning van een jongere?Beroepsgeheimleefomgeving jongere; onrustwekkende verdwijning; politie; grenzen van het beroepsgeheimJeugdrecht

Als hulpverlener geldt je beroepsgeheim ook ten opzichte van ouders. De vader heeft echter recht op informatie, ook over waar zijn zoon verblijft, om toezicht te kunnen houden op het belang van zijn zoon. Het recht op informatie is dus doelgebonden. Ben je er zeker van dat vader de informatie gebruikt op een manier die niet in het belang van het kind is, dan kan dit op zich al een reden zijn om de informatie niet te geven.

Vader heeft geen recht op informatie over zijn vrouw behoudens met haar toestemming.

De zoon zelf kan ook vragen om deze informatie vertrouwelijk te houden en dan kan je ze niet doorgeven (gemotiveerd verzetsrecht van de jongere uit het Decreet Rechtspositie Minderjarige). Wat vindt de jongere er zelf van? Kan hij/wil hij contact nemen met zijn vader? Wil hij dat jij deze gegevens doorgeeft aan vader of wil hij dat vader niet weet waar hij verblijft?

Open communicatie is in dit geval essentieel. De vader kan immers ook de gemakkelijke weg bewandelen en de woonplaats opvragen bij de dienst bevolking van de laatst gekende woonplaats van zijn zoon (art.374 BW).

Wat met geven van informatie bij een vechtscheiding?Beroepsgeheim; Echtscheidingvechtscheiding; ouders; grenzen van het beroepsgeheimJeugdrecht

Wij hebben een met HIV besmet meisje in onze leefgroep. Wij vrezen besmettingsrisico’s voor de andere meisjes. Mogen wij ons beroepsgeheim opzij zetten en de leefgroep informeren om zo de nodige veiligheidsmaatregelen in te bouwen?

Neem samen met het meisje contact op met haar behandelend arts, het is zijn verantwoordelijkheid om hierin de nodige stappen te ondernemen.

Als de arts meent dat hij de andere meisjes moet beschermen en informeren, is het aan hem om hen, met toestemming van het meisje of onder bijv. de noodtoestand, in te lichten en zijn medisch beroepsgeheim te doorbreken (dat kunnen jullie niet van hem overnemen).

De arts zal in de eerste plaats de patiënt zelf moeten motiveren om de andere meisjes te informeren als hij meent dat er een risico is. Als dit niet mogelijk is of het meisje niets onderneemt zal de arts kijken of hij kan informeren (wat, hoe en aan wie). Dit bij voorkeur met toestemming van zijn patiënte, of eventueel onder noodtoestand én zeker te allen tijde met medeweten van de patiënte.

In de mate van het mogelijke moet uiteraard gezocht worden naar manieren om ook de andere meisjes beschermd te zien, zonder dat jullie of de arts je beroepsgeheim doorbreken en medische informatie uitwisselen. Dit zou bijvoorbeeld kunnen door hen te informeren dat een bewoonster (zonder dat die geïdentificeerd kan worden) besmet is met het virus en dat de voorziening daarom bepaalde richtlijnen oplegt en maatregelen neemt om verdere besmetting te voorkomen.

Mogen wij ons beroepsgeheim opzij zetten om besmettingsgevaar te voorkomen?Beroepsgeheimmedische informatieJeugdrecht
Mogen pleegzorgers informatie uitwisselen met andere hulpverleners?

Pleegouders hebben, als jeugdhulpaanbieders, beroepsgeheim. Om samenwerking mogelijk te maken is delen van informatie met andere hulpverleners onder bepaalde voorwaarden mogelijk.

Als je praat met andere hulpverleners betrokken op het pleegkind, kan dat in het kader van het gedeeld beroepsgeheim indien die hulpverleners dezelfde finaliteit als jij hebben, en je je daarbij beperkt tot die informatie die noodzakelijk moet uitgewisseld worden in het belang van je pleegkind. Gedeeld beroepsgeheim vereist dat je toestemming hebt van je pleegkind om die informatie uit te wisselen. In uitzonderlijke omstandigheden kan informatie delen noodzakelijk zijn, ook al is er geen instemming. Dat moet je dan bijzonder motiveren, waarom dat toch noodzakelijk is om die info door te geven.

Met de begeleidende dienst voor pleegzorg is er sprake van gezamenlijk beroepsgeheim.

Gezamenlijk beroepsgeheim geldt tussen diegenen die binnen eenzelfde organisatie (de dienst) de begeleiding van een kind waarmaken. Concreet zijn dat de pleegzorger en de pleegzorgbegeleider met zijn team. Binnen die kring kan alle relevante informatie uitgewisseld worden, zonder steeds vooraf toelating aan het pleegkind en/of de ouders te vragen. Deze werkwijze moet bij het begin van de pleegzorg worden verduidelijkt aan zowel de ouders als het kind.

Ook al zal je dus regelmatig informatie delen, verduidelijk dat je dat nooit achter de rug van je pleegkind zal doen, louter al om de vertrouwensband met het pleegkind niet te schaden.

Voor meer informatie over pleegzorg, raadpleeg ook het Pleegouderboek 202 vragen over pleegzorg (uitgeverij Politeia, 2017).

Om in een concrete casus te beslissen of je informatie kan doorgeven, kan je gebruik maken van de beslissingsboom beroepsgeheim of de toelichting "Beroepsgeheim voor dummies". Je mag ook altijd even met een anonieme casus aftoetsen bij onze helpdesk.

Mogen pleegzorgers informatie uitwisselen met andere hulpverleners?Beroepsgeheim; Pleegzorggedeeld beroepsgeheim; gezamenlijk beroepsgeheimJeugdrecht; Kennisplein

Een ex-cliënte vraagt de namen van haar medebewoners gedurende de periode dat ze in de voorziening verbleef. Mag de voorziening op deze vraag ingaan ?

Alvorens de voorziening die gegevens aan de ex-cliënt mag bezorgen, moet zij van elk van hen de toestemming hebben om dit door te geven.

Mag een voorziening namen medebewoners doorgeven aan ex-cliënte?Beroepsgeheimprivacy; namen medebewonersJeugdrecht

Stel je bent getuige van een conflict tussen 2 ouders waarvan je het kind begeleid. De ruzie tussen het koppel escaleert en er wordt politie bij gehaald. Je bent getuige van geweld en de politie ondervraagt jou. Valt de info over bijvoorbeeld de aanleiding van dit conflict (als dit over de begeleiding of het kind gaat) ook onder het beroepsgeheim?

Ten opzichte van de politie heb je beroepsgeheim.

Als je getuige bent van een aanslag tegen de openbare veiligheid, iemands leven of eigendom, is er een wettelijke basis in art 30 Wetboek Strafvordering om je beroepsgeheim te doorbreken en aangifte te doen van de feiten. Nochtans weegt je beroepsgeheim over het algemeen wel zwaarder door.

Natuurlijk over algemeen gekende feiten of indien je instemming hebt van de betrokken partijen, kan je praten maar let wel dan moet het voor de partijen duidelijk zijn welke de mogelijke gevolgen zijn van het doorbreken van het beroepsgeheim.

In deze situatie kan je aan de politie melden dat de aanleiding tot het conflict ligt in de begeleiding die je als hulpverlener van het kind opneemt en dat je daarover beroepsgeheim hebt. Als je al bereid zou zijn om meer informatie te geven over de aanleiding van het conflict, kan je dat enkel ten aanzien van een rechter. Het is dan aan de politie om te kijken hoe ze hiermee verder aan de slag gaat. Voor een rechter kan je kiezen om je beroepsgeheim wel of niet te breken. Hier beslis je zelf over vraag per vraag. Je moet wel steeds ingaan op de uitnodiging van de rechter. De rechter zal bekijken of je je beroepsgeheim terecht inroept.

Daartegenover staat natuurlijk dat je wel mag spreken bij een acute noodsituatie (ook naar de politie toe) of in kader van 458bis SW (dan alleen naar de procureur des konings- parket toe, niet naar de politie). Met wat je in het gezin ziet, kan het zijn dat je het nodig vindt om toch te handelen ter bescherming van de minderjarige of andere kwetsbare personen in het gezin (vanaf maart 2013 vallen slachtoffers van partnergeweld hier ook onder) en kan je eventueel parket hierover contacteren op basis  (en onder de  voorwaarden) van 458bis SW. Dit onder de voorwaarde dat je zelf of samen met anderen niet meer kan helpen.

Hoe omgaan met info als je getuige bent van een conflict tussen 2 ouders waarvan je het kind begeleidt?Beroepsgeheimgrenzen van het beroepsgeheimJeugdrecht

In de jeugdhulpverlening worden ook vrijwilligers ingeschakeld bv. als steungezin of ondersteunend in een leefgroep. Kennen zij ook beroepsgeheim ? Welke informatie kunnen we met hen uitwisselen?

Als vrijwilligers mee worden ingeschakeld in de hulpverlening dan dragen ook zij beroepsgeheim op basis van het Decreet Integrale Jeugdhulp 2013.

De vrijwilligerswet bepaalt dat je de vrijwilliger moet inlichten over het al dan niet onderworpen zijn aan het beroepsgeheim. Je neemt dus best in de vrijwilligersovereenkomst ook op dat de vrijwilliger door het beroepsgeheim gebonden is. Hierover vind je ook mee informatie over bij het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk.

Daar het gaat om personen gebonden door het beroepsgeheim kan er dan ook met deze vrijwilligers informatie worden uitgewisseld onder het gedeeld beroepsgeheim of gezamenlijk beroepsgeheim. Het moet dan wel gaan om informatie in het belang van de cliënt, met medeweten van de cliënt en op need to know basis ( alle noodzakelijke informatie). Welke informatie hen dan bezorgd wordt, moet in dat kader worden afgewogen rekening houdend met welke informatie de vrijwilliger nodig heeft om zijn taak te kunnen uitoefenen.

Uit een gespreksronde met meerdere voorzieningen die werken met steungezinnen, werd ons duidelijk dat die hier heel verschillend mee omsprongen. De ene voorziening meent dat niet te veel informatie van de thuissituatie moet worden meegegeven zodat de jongere met een schone lei start, de andere voorziening legt er dan weer de nadruk op dat het steungezin goed voorbereid moet zijn en enkel goed weet waaraan het begint als het ook een stukje van die thuissituatie kent. De eerste stap is bepalen welke visie je als voorziening hierin aanhoudt en maak aan vrijwilligers ook duidelijk wat ze aan informatie mogen verwachten.

Het is in elk geval belangrijk dat je de vrijwilligers duidelijk maakt dat ook zij beroepsgeheim hebben (hetzelfde als professionele hulpverleners) en dat je hen begeleidt in wat dit betekent. Het is ook belangrijk dat je met hen uitklaart wat ze moeten doen bij verontrusting. Ook in die situaties zijn er slechts bepaalde mogelijkheden om beroepsgeheim te doorbreken (noodsituatie, 458bis SW). Het lijkt ons belangrijk dat vrijwilligers weten waarop ze kunnen terugvallen bv. dat ze bij noodsituaties de voorziening kunnen contacteren om samen te bekijken welke stappen gezet kunnen worden.

Meer lectuur over beroepsgeheim vind je ook op www.jeugdenkinderrechten.be.

Hebben vrijwilligers die ingeschakeld worden in de jeugdhulpverlening ook beroepsgeheim?BeroepsgeheimvrijwilligersJeugdrecht

Kunnen  professionele hulpverleners met elkaar informatie uitwisselen op basis van een standaard akkoordverklaring. Deze verklaring omvat een algemenere formulering. "x, wettelijke vertegenwoordiger van y, geeft hierbij de toestemming aan (naam organisatie) om informatie op te vragen en uit te wisselen met betrokken diensten.". Is dit voldoende ?

Dergelijke algemene instemming is niet voldoende opdat sprake zou zijn van gedeeld beroepsgeheim. Er is pas sprake van een instemming van de cliënt met informatie-overdracht indien hij die instemming geeft met kennis van wie de bestemmeling is of kan zijn, en hij daarbij ook zo precies mogelijk weet met welk doel en welke informatie mogelijk wordt doorgegeven.

De elementen die dus zeker moeten terugkomen in een toestemming zijn: de identiteit van de bestemmelingen, doel van de mogelijke communicatie, de mogelijke inhoud ervan en de cliënt moet ook de mogelijkheid hebben zich tegen de overdracht te verzetten. Belangrijk is dat je dit duidelijk kadert naar de cliënt binnen het doel van de informatieoverdracht. De cliënt moet ook voldoende geïnformeerd zijn over de mogelijke gevolgen van die informatie-overdracht. Om deze redenen kan je zeggen dat een zogenaamde "blanco cheque voor informatie-overdracht" (wat in de algemenere formulering het geval is) inderdaad niet kan.

Indien de cliënt zich bovendien uitdrukkelijk verzet tegen informatie-overdracht dan mag deze ook niet plaatsvinden! In bepaalde regelgeving (bv. Decreet Integrale Jeugdhulpverlening) is voorzien dat het ook dan uitzonderlijk wel kan maar enkel als het gaat om een uitwisseling tussen jeugdhulpverleners en je kan motiveren waarom de uitwisseling van informatie ondanks het gebrek aan instemming toch moet doorgaan. Je moet daarbij ook minstens geprobeerd hebben de instemming te verkrijgen en je moet de cliënt minstens geïnformeerd hebben.

De cliënt kan zijn instemming ook elk moment intrekken.

De meest sluitende oplossing blijft dat je de cliënt zelf laat contact nemen om de informatie op te vragen of door te geven.

Een ondertekende algemene akkoord verklaring is in elk geval wel een goede basis om een informatie overdracht met de cliënt te bespreken.

Kunnen we onder professionele hulpverleners informatie uitwisselen op basis van een standaard akkoordverklaring?Beroepsgeheimgedeeld beroepsgeheimJeugdrecht

Een jongere kreeg van de arts medicatie. De ouders gaan er niet mee akkoord dat de jongere deze inneemt. De jongere wil de medicatie innemen en wil niet dat de hulpverleners de ouders hiervan inlichten. Mogen hulpverleners dit verzwijgen voor de ouders?

De jongere heeft deze medicatie gekregen van de dokter zonder zijn ouders. De arts heeft dus geoordeeld dat de jongere bekwaam genoeg is om hierover zelf te beslissen. Wanneer de jongere vraagt zijn ouders niet in te lichten is dit een te respecteren wens. Zowel de arts als jullie handelen hierbij correct binnen jullie beroepsgeheim.

De vraag die jullie wel kunnen stellen is wat de meerwaarde is om de ouders al dan niet in te lichten. Indien het inlichten van de ouders nefast is voor de relatie tussen de ouders en de jongere, is het misschien beter om dit niet te doen. Maar als jullie van oordeel zijn dat de ouders nog een belangrijke rol kunnen spelen in het belang van de jongere , kan je als hulpverlener samen met de jongere een pad bewandelen naar het inlichten van de ouders toe. Ouders moeten immers beslissingen kunnen nemen voor de jongere in zijn groei naar een zelfstandige en onafhankelijk volwassene en zij kunnen daarbij ook gewoon een belangrijke ondersteunende rol opnemen.  Je kan dan toe werken naar een punt waar de jongere zelf de informatie geeft, al dan niet in bijzijn van de hulpverleners.

Indien de ouders informatie vragen over de gezondheidstoestand van hun kind en het kind geeft geen toestemming om deze met hen te delen, kan je hen altijd best doorverwijzen naar de arts. De beroepsbeoefenaar zal steeds zorgvuldig moeten afwegen welke informatie ouders nodig hebben
onder toepassing van het ouderlijk gezag. Niet zomaar alle informatie moet dus met
hen gedeeld worden.
De Wet Patiëntenrechten voorziet bovendien dat bekwame, minderjarige patiënten zelfstandig beslissingen kunnen nemen over hun gezondheidszorg. Hierdoor is het niet meer nodig om ouders van bekwame minderjarigen te informeren over de gezondheidszorg van hun kinderen en geldt het beroepsgeheim tegenover ouders ten volle.
Het is de arts die hier de bekwaamheid van de minderjarige moet inschatten.

Een jongere kreeg medicatie van de arts en wil deze innemen tegen de wil van zijn ouders. Hij wil niet dat de hulpverleners de ouders hiervan inlichten ...Beroepsgeheim; Bekwaamheid en vertegenwoordigingmedische informatie; oudersJeugdrecht

Kan ik als begeleider BJB informatie over de ouders niet doorgeven aan de jeugdrechter, gemandateerde voorziening of intersectorale toegangspoort omdat deze mogelijk belemmerend zou werken in de volgende stap van het hulpverleningsplan?

De jeugdrechter moet alle informatie krijgen die nodig is opdat hij de maatregelen kan evalueren en eventueel bijsturen. Jij bepaalt als hulpverlener welke informatie je daarvoor moet doorgeven maar je moet de besluitvorming over de maatregelen bij de jeugdrechter laten. Als je zelf gaat oordelen dat je bepaalde informatie niet gaat doorgeven omdat ze verwijzer mogelijk doet oordelen dat de volgende stap in het hulpverleningsplan nog niet aan de orde is, zet je je in de plaats van verwijzer. Dus als je meent dat die informatie belangrijk is in het afwegingsproces is het zeker belangrijk dat je ze doorgeeft aan de jeugdrechter eventueel met jullie bedenkingen erbij genoteerd. Als begeleider kan je best steeds aan je cliënt dat kader en die rapporteringsplicht duidelijk stellen. Als hulpverlener en als voorziening ben je verplicht tot correcte en volledige informatieverstrekking van alles wat relevant is voor de verwijzer. Op basis van je eigen inschatting, moet je oordelen dat wat relevant kan zijn voor verwijzer en wat niet.

Hetzelfde geldt voor rapportage aan de gemandateerde voorziening. Als de gemandateerde voorziening betrokken is, worden er afspraken gemaakt over wat gerapporteerd moet worden en moet zeker alle informatie die inschatting van de verontrusting raakt aan de gemandateerde voorziening worden doorgegeven. Wat daarbij wordt doorgegeven wordt door jou als hulpverlener beslist. Je kan het best wel met je cliënt bespreken (indien de veiligheid dit toelaat) om het vertrouwen zo min mogelijk te schaden. Eventueel neem je de visie van je cliënt over het gegeven ook mee in je doorgave.

Naar de intersectorale toegangspoort toe zet je de stap samen met je cliënt daarbij is het belangrijk dat je zorgt dat alle informatie de intersectorale toegangspoort nodig kan hebben, is opgenomen in het A-document. Je kan daar de visie van de verschillende betrokkenen in opnemen maar je handelt hier duidelijk binnen de vrijwillige hulpverlening en er moet instemming zijn met de informatie die wordt doorgegeven. Daarbij kan je je cliënt wijzen op de noodzaak hiervan om tot de meest gepaste hulpverlening te komen.

Kan ik als begeleider BJB informatie over de ouders niet doorgeven aan de jeugdrechter, gemandateerde voorziening of toegangspoort omdat deze mogelijk belemmerend zou werken in de volgende stap van het hulpverleningsplan?BeroepsgeheimJeugdrecht

Is een hulpverlener die op de hoogte is van een misdrijf gepleegd door één van de jongeren die hij begeleidt, verplicht dit op te nemen in rapportage aan de jeugdrechter of gemandateerde voorziening?

Binnen de hulpverleningsrelatie ben je gebonden door het beroepsgeheim. Je kan dus geen aangifte van het misdrijf en de jongere doen bij de politie. Maar binnen die relatie moet u wel de belangrijke zaken uit uw begeleiding melden in de verslaggeving aan de jeugdrechter. Als hulpverlener moet je hier dus oordelen of de jeugdrechter deze informatie nodig heeft om de gepastheid van de maatregelen te beoordelen. Indien de jongere hier geen verantwoordelijkheid neemt voor zijn daden, kan je als hulpverlener dat moeilijk verzwijgeng.

Naar de gemandateerde voorziening toe worden afspraken gemaakt over wat gerapporteerd moet worden maar zeker alles wat de inschatting van de verontrusting betreft. Indien deze informatie daaronder valt, moet je dus rapporteren aan de gemandateerde voorziening toe. Dit kan als gevolg hebben dat er een nieuwe inschatting over de verontrusting gebeurt waarna de manier waarop de gemandateerde voorziening opvolgt al dan niet wordt versterkt of dat beslist wordt dat het niet mogelijk is om verder te werken in de vrijwillige hulpverlening en de stap naar parket gezet moet worden voor gedwongen hulpverlening op basis van de verontrusting (niet op basis van het als misdrijf omschreven feit). 

Naar de intersectorale toegangspoort toe is er geen rapportageplicht. Op het ogenblik dat de toegangspoort betrokken wordt moet zij alle informatie krijgen om een goede inschatting te kunnen maken van de nodige jeugdhulpverlening. Het kan dus wel zijn dat deze informatie belangrijk is bij het zetten van de stap naar de toegangspoort of bij herindicatiestelling of hernieuwing van de jeugdhulpregie. 

Is een hulpverlener die op de hoogte is van een misdrijf gepleegd door één van de jongeren die hij begeleidt, verplicht dit op te nemen in rapportage aan de jeugdrechter of gemandateerde voorziening?BeroepsgeheimJeugdrecht

Moet de voorziening informatie over het dagelijks leven van een kind doorgeven aan de ouders indien zij hierom vragen maar de minderjarige zich hiertegen verzet? Is er een verschil indien de minderjarige geplaatst werd met een maatregel van de jeugdrechtbank?

Ouders hebben een recht op informatie op basis van het ouderlijk gezag. Ze hebben recht op alle informatie die ze nodig hebben om opvoedkundige beslissingen te nemen om het kind te laten opgroeien tot een zelfstandige en onafhankelijke volwassene (of het daarin te ondersteunen). Dat ouderlijk gezag is echter doelgebonden en heeft een uitdovend karakter. Dit betekent dat ouders enkel informatie moeten krijgen als ze die ook in het belang van hun kind zullen gebruiken én dat als kinderen matuurder worden en bepaalde beslissingen al zelf kunnen nemen hebben de ouders ook geen nood meer aan die informatie. 

Daarenboven heeft de minderjarige in de hulpverlening op basis van het Decreet Rechtspositie Minderjarige een gemotiveerd verzetsrecht. Dit betekent dat hij kan vragen om bepaalde informatie niet door te geven. Als jeugdhulpverlener moet je dit respecteren als die vraag gemotiveerd is. Omdat ouders een recht op informatie hebben, probeer je wel te werken naar het informeren van de ouders toe. Daarbij wijs je de minderjarige ook op het recht op informatie van de ouders en de noodzaak dat zij informatie nodig hebben om bepaalde beslissingen te nemen of bepaalde verantwoordelijkheden op te nemen. 

Bovendien kan het belangrijk zijn aan de minderjarige te melden dat er andere kanalen zijn waar de ouders wel informatie kunnen inwinnen. Ouders kunnen bijvoorbeeld steeds, indien het kind minderjarig is, zelf contact opnemen met de school en informatie opvragen over de schoolse prestaties van de jongere. Wanneer het gaat over een jeugdrechtbankmaatregel, is er ook steeds artikel 55 JBW dat aan ouders het inzagerecht verleent in het dossier op de griffie van de jeugdrechtbank. De informatie die je als hulpverlener opneemt in je verslag aan de jeugdrechter, zal deel uitmaken van dit dossier en zal ook door de ouders ingekeken kunnen worden. Als hulpverlener moet u het strikt noodzakelijke voor verwijzer opnemen in uw verslag waarmee natuurlijk niet alle informatie ter inzage van de ouders hoeft te komen.

Moet de voorziening informatie over het dagelijks leven van een kind doorgeven aan de ouders indien zij hierom vragen maar de minderjarige zich hiertegen verzet? Is er een verschil indien de minderjarige geplaatst werd door de jeugdrechtBeroepsgeheimJeugdrecht

Kan de jeugdhulpverlener in het kader van een vechtscheiding aan één van de ouders, de moeder, copy geven van het dossier om aan te tonen dat die ouder goed meewerkt in de hulpverlening? Of kan hiervan attest uitgereikt worden?

De toegangsregel tot het dossier is strikt geregeld (decreet op de integrale Jeugdhulp, Decreet Rechtspositie Minderjarige, artikel 11 Decreet BJB, sectorale regelgeving,...). In principe heeft moeder toegang tot de contextuele gegevens (over haar relatie met de minderjarige) en haar eigen gegevens, en daar kan ze kopie van vragen. Maar die kopie kan enkel gebruikt worden in de jeugdhulp en niet in een echtscheidingsprocedure en dat moet de copy uitdrukkelijk vermelden: "Vertrouwelijk document, enkel bestemd voor doeleinden binnen de jeugdhulp".

Een copy van of uit het dossier om te gebruiken in de echtscheidingsprocedure is dus niet mogelijk. 

De jeugdhulpverlener kan wel een attest afleveren aan de ouder met de gegevens die voor de ouder van belang zijn en die enkel over hem/haar gaan. U kan daarin geen informatie opnemen over andere personen (privacy). In elk geval is er geen wetsbepaling die u verplicht een dergelijk attest af te leveren, het is een persoonlijke inschatting. 

Als je beslist te attesteren, volg je best volgende nuttige tips:

  • Stel het attest op op naam van de betrokkene en geef het enkel aan de betrokkene (niet aan de advocaat, partner,...). Laat betrokkene het zelf doorgeven. Zo is duidelijk dat zij instemt met het feit dat jij deze gegevens vrij geeft.
  • Attesteer niet als het nadelige gevolgen zou hebben voor je cliënt 
  • Attesteer niet als je daardoor een vertekend beeld ophangt. Door je beroepsgeheim en het respect van de privacy van anderen kan je mogelijk de situatie niet naar realiteit schetsen of niet het volledige beeld geven, dan zwijg je beter.
  • Ga zeker na dat je enkel gegevens opneemt over de vraagsteller (in dit geval moeder) en niet over andere partijen (minderjarige, vader, ...). Zij hebben recht op privacy en je hebt beroepsgeheim !
Kan de jeugdhulpverlener in het kader van een vechtscheiding aan één van de ouders, de moeder, copy geven van het dossier om aan te tonen dat die ouder goed meewerkt in de hulpverlening? Of kan hiervan attest uitgereikt worden?BeroepsgeheimJeugdrecht

Een pleegouder krijgt belangrijke informatie over de ouders van het pleegkind. Mama wil zelfmoord plegen. Met wie kan gesproken worden?

​De pleegouder is gebonden door het beroepsgeheim en zal dus enkel kunnen spreken in bepaalde situaties.

Als het gaat om een acuut gevaar hier en nu dan kan hij zijn beroepsgeheim opzij schuiven op basis van de noodsituatie. Hij kan dan iedereen die hulp kan bieden om het gevaar te voorkomen betrekken (andere hulpverleners, buren, politie,...). Ook dan geeft hij enkel die informatie die noodzakelijk is, dus niet het hele hulpverleningsverhaal. Net als elke burger zal de pleegzorger in dergelijke situatie iets moeten doen anders kan er sprake zijn van schuldig verzuim. 

Als de situatie niet zo acuut lijkt te zijn, en moeder eerder een signaal geeft dat alles haar te veel wordt, kan de pleegzorger die in een privécontact met de ouder deze informatie vernomen heeft, als vrijwillig hulpverlener deze informatie zeker delen met de pleegzorgbegeleider op basis van het gezamenlijk beroepsgeheim. De pleegouders vormen immers samen met de begeleider het team dat de pleegzorgsituatie organiseert. Zij moeten niet alle informatie met elkaar delen, maar wel die info die noodzakelijk is om hun werk te kunnen doen. De pleegouder en de begeleider zullen in de relatie met de ouder best, van bij de start, aangeven dat informatie tussen pleegouder en begeleider vrij kan worden doorgegeven.

De pleegouder is niet verplicht tot begeleiding van de ouders en zal zich indien hij die rol toch opneemt ondersteund kunnen weten door de dienst.

Samen met de begeleidende dienst moet bekeken worden of er naar het kind toe stappen gezet moeten worden. Als de jeugdrechter betrokken is, moet de begeleidende dienst bekijken of dit meegenomen wordt in de rapportage naar de jeugdrechter. Als de situatie van het kind door deze nieuwe omstandigheden mogelijk onveilig wordt, zal er een plan uitgewerkt moeten worden om daaraan te verhelpen, bvb begeleid bezoek. Binnen een vrijwillige plaatsing kan desgevallend een beroep worden gedaan op een gemandateerder voorziening, indien nodig.

Een pleegouder krijgt belangrijke informatie over de ouders van het pleegkind. Met wie kan gesproken worden? Beroepsgeheim; Pleegzorggevaar; gezamenlijk beroepsgeheim; rapporterenJeugdrecht

Wat doe ik als hulpverlener met informatie die ik verkrijg over mijn cliënt via een sociale netwerksite?

Hier mag je de algemene principes van briefgeheim en beroepsgeheim toepassen als richtlijn. De dingen die je als begeleider over het internet te weten komt, kan je opnemen met de cliënt als dat wenselijk lijkt in het kader van de begeleiding (bv. een hulpvraag of een gevaar). Als hulpverlener mag je de informatie die je op deze wijze verneemt, hanteren binnen de kaders van het beroepsgeheim en het kan ook belangrijk zijn dat je dat meldt aan de persoon waarmee je contact hebt zodat die duidelijk weet dat je bv. informatie zal bespreken met de pleegzorgbegeleider of met de jeugdrechter of je team net zoals je met informatie uit een andere vorm van gesprek doet. Het is je zeker toegestaan informatie die je via het publiek profiel van de jongere verneemt, verder met de jongere te bepreken. 

Je kan een gesprek op een sociale netwerksite het best vergelijken met een groepsgesprek en de daarbij horende afwegingen met betrekking tot beroepsgeheim maken. Deze communicatie kan zowel openbaar als afgeschermd verlopen, maar je weet nooit wie er uiteindelijk met de jongere meekijkt. Enige terughoudendheid is dus geboden. 

Belangrijk is dat je de informatie op het internet niet zelf uitlokt. Dit strookt niet met de vertrouwensrelatie die je als hulpverlener met je cliënt hebt en zou in strijd zijn met alle deontologische principes.

Wat doe ik als hulpverlener met informatie die ik verkrijg over mijn cliënt via een sociale netwerksite?BeroepsgeheimJeugdrecht

​​Kan ik als hulpverlener informatie uitwisselen met een stiefouder?

Informatie delen met de stiefouder kan, als de minderjarige daarin toestemt, of, bij een minderjarige die niet in staat is om een geïnformeerde toestemming te geven, er toestemming is van minstens één van de ouders met ouderlijk gezag en geen verzet van de andere. De hulpverlener moet wel zelf afwegen of het delen van deze informatie in het belang is van de minderjarige. 

Een stiefouder beschikt niet over het ouderlijk gezag en heeft dan ook geen recht op informatie op die basis. 

Op basis van het Decreet Rechtspositie Minderjarige en het Decreet Integrale Jeugdhulp kan een stiefouder wel een opvoedingsverantwoordelijke zijn en maakt hij op die basis wel deel uit van het cliëntsysteem. Dit maakt dat hij bv. wel een beperkt recht heeft op dossierinzage. Hij zal in het dossier toegang hebben tot die gegevens die hemzelf of henzelf en de jongere of hemzelf en andere personen uit het cliëntsysteem betreffen. Andere gegevens kunnen hen niet worden meegedeeld tenzij de betrokkenen daar toestemming voor verlenen.

Stiefouders hebben geen beroepsgeheim en met hen kan dus geen informatie gedeeld worden onder het gezamenlijk of gedeeld beroepsgeheim. Enkel wanneer een stiefouder de rol opneemt van vertrouwenspersoon van de minderjarige of meewerkt in het kader van een cliëntoverleg of bemiddeling, zal hij beroepsgeheim dragen en kan op die gronden informatie met hem gedeeld worden.

​​Kan ik als hulpverlener informatie uitwisselen met een stiefouder?BeroepsgeheimstiefoudersJeugdrecht

​​De voorziening is op de hoogte van seksuele betrekkingen tussen 2 minderjarigen in de leefgroep. Welke stappen moet/mag zij zetten? Hoe zit het met het beroepsgeheim?

Er bestaat geen twijfel over dat dit een mogelijk strafbaar feit betreft voor beide jongeren indien zij nog niet de leeftijdsgrens bereikt hebben om met seks te kunnen instemmen.

De voorziening mag dergelijke strafbare handelingen niet toelaten. Ze heeft een hulpverleningsplicht naar beide jongeren toe. Het is belangrijk dat een visie ontwikkeld wordt in de voorziening om met dergelijke gedrag om te gaan. Is het mogelijk beide jongeren in de leefgroep te houden?  Moeten de leefregels aangepast worden? Is het niet wenselijk dat beide jongeren in dezelfde leefgroep/voorziening blijven?   De voorziening kan contact nemen met de Intersectorale Toegangspoort om een andere plaats te zoeken voor één van beide partijen of kan intern bepaalde beperkingen opleggen bv. enkel nog begeleid contact tussen de jongeren.

In elk geval heeft de directie en de betrokken hulpverlener een plicht tot zwijgen over de intieme/persoonlijke levenssfeer van de cliënten. Er kan niet naar de politie gestapt worden.  Artikel 485 bis Sw geeft ook ruimte om ter bescherming van de cliënt en onder strikte voorwaarden hier eventueel het beroepsgeheim te doorbreken en de procureur des Konings op de hoogte te brengen indien de minderjarige slachtoffer blijft van strafbare feiten of er mogelijk nog andere slachtoffers in gevaar zijn.

Uiteraard zijn er bepaalde rapportageplichten die wel nageleefd moeten worden bv. aan de jeugdrechter met oog op eventuele bijsturing van de maatregelen en eventueel aan de betrokken gemandateerde voorziening.

In geval het gaat om een ernstige gebeurtenis binnen de BJB is ook voorzien dat de jeugdrechter, betrokken gemandateerde voorziening en de Administratie binnen de 48u op de hoogte moet worden gebracht.

Bespreek wel altijd met de cliënten aan wie welke informatie wordt doorgegeven.

Uitzonderlijk en enkel indien de informatie niet ten nadele van de cliënt kan worden gebruikt, kunnen ook anderen worden ingelicht zoals andere hulpverleners. Steeds moet dan bekeken worden welke informatie zij nodig hebben en wordt gehandeld met respect voor het beroepsgeheim dat men draagt naar beide cliënten of zowel dader als slachtoffer.  De voorziening houdt immers een hulpverleningsverantwoordelijkheid naar beide partijen (dader en slachtoffer) en is ten aanzien van beide partijen gebonden door het beroepsgeheim.

De ouders van de jongeren kunnen wel op de hoogte worden gebracht van het gebeurde tenzij de jongere zich beroept op zijn gemotiveerd verzetsrecht maar zelfs dan werk je vanuit de hulpverlening best toe naar het informeren van de ouders.  Dee ouders hebben immers het ouderlijk gezag over de minderjarigen. Zij hebben recht op informatie om opvoedkundige beslissingen te kunnen nemen en om hun kinderen te ondersteunen. De ouders hebben geen beroepsgeheim en zullen dan ook kunnen overwegen of zij een klacht bij de politie zullen neerleggen tegen de jongen. Als je als hulpverlener informatie doorgeeft aan de ouders moet je daarom ook enkel de noodzakelijke informatie geven (daarbij is het niet noodzakelijk de naam te geven van bv. dader of slachtoffer maar wel een weergave van de feiten en welke maatregelen erop volg(d)en). 

​​De voorziening is op de hoogte van seksuele betrekkingen tussen 2 minderjarigen in de leefgroep. Hoe zit het met het beroepsgeheim?Beroepsgeheim; Seksualiteitseksueel grensoverschrijdend gedragJeugdrecht

​Mag de hulpverlening bekend maken wie een zaak gemeld heeft bij het parket?

Van elke melding wordt een PV opgesteld. Je kan eventueel het nummer daarvan doorgeven en doorverwijzen met de vraag naar het parket om daar het dossier in te zien. Als de melder geen anonimiteit heeft gevraagd, zal er geen beletsel zijn tot inzage van die gegevens. 

Als je weet wie de melder is en het parket maakt er geen voorbehoud rond, kan je die informatie doorgeven aan het gezin. Als er wel voorbehoud wordt gemaakt of men roept geheim van het onderzoek in, dan moet je dat respecteren.

Zodra hulpverlening wordt opgestart bv. met tussenkomst van de gemandateerde voorziening, maakt deze informatie of informatie die volgt uit het onderzoek van de gemandateerde voorziening mogelijk ook deel uit van het dossier en zal ze ter inzage zijn van de betrokkenen conform de regelgeving op dossierinzage. De informatie wordt dan mogelijk wel nog afgeschermd door een vertrouwelijkheidsexceptie. 

​Mag de hulpverlening bekend maken wie een zaak gemeld heeft bij het parket?BeroepsgeheimJeugdrecht

​​Mogen casussen worden besproken in een opleiding/stage?

Je stuit hier op de grenzen van het beroepsgeheim. Concrete casussen kunnen zeker besproken worden in een opleiding of stage maar enkel op geanonimiseerde wijze. Daarbij moet de casus volledig geanonimiseerd zijn. Soms is het wijzigen van namen voldoende, soms is de casus zo specifiek en herkenbaar dat dit niet volstaat. 

​​Mogen casussen worden besproken in een opleiding/stage?Beroepsgeheimgedeeld beroepsgeheim; gezamenlijk beroepsgeheimJeugdrecht

​Mag een voorziening bij melding van een onrustwekkende verdwijning een foto van de minderjarige overmaken aan de politie?

Indien het gaat om het terugbrengen van de jongere, een daad in zijn belang, kan zeker een foto gegeven worden om de jongere te helpen identificeren of op te sporen. Dit kan niet indien het gaat om een handeling om de jongere op te pakken na het plegen van een misdrijf. Ook voor de politie geldt bovendien artikel 433bis SW. Dit betekent dat ook de politie de foto niet publiek mag maken indien het gaat om gerechtelijk geplaatste jongeren (foto verspreiden via Child Focus of seiningsberichten op TV).

​Mag een voorziening bij melding van een onrustwekkende verdwijning een foto van de minderjarige overmaken aan de politie?Beroepsgeheimonrustwekkende verdwijningJeugdrecht

​Moet een hulpverlener ingaan op een uitnodiging van de onderzoeksrechter om vragen te beantwoorden over een minderjarige die ze begeleidt of heeft begeleid?

In elk geval moet je ingaan op de vraag van de onderzoeksrechter om eventueel vragen te beantwoorden. Maar als hulpverlener ben je gehouden door het beroepsgeheim en kan je ervoor kiezen om te zwijgen zeker als bepaalde zaken niet in het belang van je cliënt zijn. Vraag per vraag kan je beoordelen of je wil antwoorden en daarbij de afweging maken van het individueel belang van je cliënt en diens recht op vertrouwelijkheid binnen de hulpverlening. Je neemt als hulpverlener zelf de beslissing om al dan niet te spreken en moet dit niet vooraf bespreken met de cliënt. Dit zou zelfs het gerechtelijke onderzoek kunnen doorkruisen. Zorg er wel steeds voor dat de informatie die je geeft een correct beeld geeft en niet vertekend wordt door bepaalde dingen achter het beroepsgeheim te schuilen, dan zwijg je beter. Let wel: dit geldt enkel bij verhoor door de onderzoeksrechter. Je mag je beroepsgeheim niet doorbreken bij een verhoor door de politie of parketmagistraat.

​Moet een hulpverlener ingaan op een uitnodiging van de onderzoeksrechter om vragen te beantwoorden over een minderjarige die ze begeleidt?BeroepsgeheimJeugdrecht

​Kan ik als hulpverlener op vraag van de advocaat van het gezin attesteren/getuigen over het verloop van de hulpverlening binnen het gezin?

Gegevens die geen nadelige gevolgen voor de cliënten hebben, kan je met hun instemming attesteren. Het is hier je eigen afweging als hulpverlener die telt of je dit wenst te doen, maar als je vindt dat een attest dat niet alles omvat ( bv. enkel positieve signalen en de negatieve niet) dan kan je oordelen dat je niet attesteert omdat het een vertekend beeld zou geven. Je bent hier zeker niet toe verplicht.

Je moet instemming hebben van de betrokkene, een handige tip kan zijn dat je het attest opstelt op naam van de betrokkene en uitreikt aan de betrokkene zelf die het aan zijn advocaat kan doorgeven. 

Een getuigenis afleggen kan een hulpverlener enkel voor de rechter. Je mag geen getuigenis afleggen voor de politie of enige andere derde omwille van je beroepsgeheim. Als de rechter je echter uitnodigt om te getuigen, moet je daarop ingaan en beoordeel je vervolgens vraag per vraag of je daar op in wil gaan met het belang van je cliënt voorop. De rechter zal oordelen of je al dan niet terecht je beroepsgeheim in roept. Je kan de advocaat dus wel meegeven of je eventueel bereid zou zijn om te getuigen voor de rechter.

​Kan ik als hulpverlener op vraag van de advocaat van het gezin attesteren/getuigen over het verloop van de hulpverlening binnen het gezin?BeroepsgeheimJeugdrecht

​Kan of moet een voorziening getuigenis afleggen in het kader van een collocatieprocedure m.b.t. een cliënt?

De beslissing tot collocatie is in de eerste plaats gebaseerd op medische gegevens en die kan je als voorziening zeker niet doorgeven. Het doorgeven van medische informatie moet lopen via een medisch beroepsbeoefenaar. 

Als in de loop van de procedure je door de rechter wordt opgeroepen om te getuigen dan moet je op die uitnodiging ingaan. Je beslist vervolgens vraag per vraag of je antwoord wil geven. Je mag antwoord geven maar je moet het niet. Je weegt af wat in het belang van je cliënt is. Als je bv. oordeelt dat de vertrouwensrelatie met je cliënt verhindert dat je hier je beroepsgeheim doorbreekt, dan kan je ervoor kiezen je te beroepen op je beroepsgeheim. De informatie die je kan geven betreft de hulpverlening en wat je in dat kader vernam of vaststelde. Voor medische informatie moet je doorverwijzen naar de medisch beroepsbeoefenaar bv. de arts.

De rechter zal uiteindelijk beslissen of je je al dan niet terecht op je beroepsgeheim beroept.

Kan of moet een voorziening getuigenis afleggen in het kader van een collocatieprocedure m.b.t. een cliënt?BeroepsgeheimcollocatieJeugdrecht

​​Uit het verhaal van een cliënt blijkt dat andere kinderen binnen het gezin gevaar lopen. Welke stappen kan ik als hulpverlener zetten? Kan ik de cliënt daar buiten houden?

Binnen de begeleiding ben je gebonden aan het beroepsgeheim. Het gaat dus om een doorbreken van het beroepsgeheim.

Als hulpverlener begeleid je best je cliënt in het aanbrengen van deze informatie naar de juiste kanalen: VK of politie en bespreek je best de mogelijke gevolgen hiervan.

Je kan als hulpverlener ook zeker de informatie opnemen in de verslaggeving naar consulent en jeugdrechtbank. Hou er rekening mee dat de ouders het dossier kunnen inkijken en dat je dus niet aan de jongere kan garanderen dat niemand weet wie de informatie gegeven heeft. Bovendien kan het parket ook kennis nemen van het dossier en vervolgens eventueel bijkomend vorderen.

Sinds de recente wijziging van artikel 458bis SW (januari 2012) kan je als hulpverlener ook melden bij de procureur des Konings als je kennis hebt van bepaalde misdrijven op minderjarigen of andere kwetsbare personen en je niet door het slachtoffer zelf in vertrouwen bent genomen of het slachtoffer onderzocht hebt.  Dus ook als de info van derden komt en je oordeelt dat het een solide bron is en dat er nog gevaar is, kan je melden. Het gaat hier wel enkel onder strikte voorwaarden: er is nog een acuut en ernstig gevaar voor het slachtoffer zelf of je schat in dat er aanwijzingen zijn van een gewichtig en reëel gevaar voor andere potentiële slachtoffers (minderjarige of kwetsbare personen). Enkel onder die omstandigheden kan je melden bij de procureur des Konings.

Welke stappen kan ik als hulpverlener zetten als blijkt dat andere kinderen binnen het gezin gevaar lopen?BeroepsgeheimverontrustingJeugdrecht

​​Ouders melden een onrustwekkende verdwijning bij de politie. De begeleiding weet waar de jongere verblijft vanuit een andere hulpverleningsrelatie, mag zij dit melden aan de politie of de ouders van de jongere?

Ouders hebben in principe recht op informatie over hun kind ook over waar het verblijft. Maar als de minderjarige zelf vraagt aan de hulpverleners om het geheim te houden (gemotiveerd verzetsrecht) dan moet je dat als hulpverlener respecteren en kan je de informatie niet doorgeven. Werk met de minderjarige wel toe naar het informeren van de ouders. Bespreek bv. dat je al wel doorgeeft dat de minderjarige veilig is zodat niet verder gezocht moet worden. 

Als je de informatie verneemt uit een andere hulpverlenersrelatie (bv. via een andere cliënt) en je meent dat de minderjarige werkelijk in veiligheid is, kan je wel melden dat de minderjarige veilig is maar dat je beroepsgeheim hebt en niet meer kan prijsgeven. Je kan dan proberen via de informatiebron toch contact te krijgen met de minderjarige en samen te bekijken hoe je de ouders toch kan informeren. 

Als er echter gevaar is, kan de noodtoestand hier een grond zijn om je beroepsgeheim te doorbreken.

​​Ouders melden een onrustwekkende verdwijning bij de politie. De begeleiding weet waar de jongere verblijft vanuit een andere hulpverleningsrelatie, mag zij dit melden aan de politie of de ouders?BeroepsgeheimverontrustingJeugdrecht

​​Wat kan een hulpverlener doen wanneer hij/zij privé benaderd wordt door een jongere die hij/zij begeleidt?

Indien je benaderd wordt vanuit je professionele vertrouwensrelatie, dan zal dit contact kaderen binnen je relatie als hulpverlener en zal ook je beroepsgeheim gelden (bv. de jongere die je begeleidt, is gaan lopen en contacteert je in je privétijd). Indien het gaat om een bedreiging aan uw persoon gaat het niet om een contact binnen de vertrouwensrelatie als hulpverlener en kan je de politie bellen of aangifte doen.

Wat kan een hulpverlener doen wanneer hij/zij privé benaderd wordt door een jongere die hij/zij begeleidt?BeroepsgeheimJeugdrecht

​Mag een school melden aan de ouders dat een leerling, in casu meerderjarig, de lessen niet heeft bijgewoond indien de leerling zich expliciet tegen het doorgeven van deze informatie verzet? 

Een school mag de ouders van een meerderjarige niet rechtstreeks informeren, ook niet als dit is voorzien in het schoolreglement.

De leerkrachten hebben geen beroepsgeheim, maar wel een discretieplicht. Ouders hebben geen recht op informatie meer over hun meerderjarige kinderen. Ze zullen de informatie moeten bevragen bij hun kinderen zelf. 

Mag een school melden aan de ouders dat een leerling, in casu meerderjarig, de lessen niet heeft bijgewoond indien de leerling zich expliciet tegen het doorgeven van deze informatie verzet?BeroepsgeheimJeugdrecht

​Een meisje bekent binnen de hulpverlening een zeer ernstig misdrijf maar wil dat je dit vertrouwelijk houdt. Als hulpverlener ben ik onzeker hoe hiermee om te gaan en wens ik informeel met de procureur te overleggen. Kan dit?

Neen, hier is sprake van schending van het beroepsgeheim. Je mag je beroepsgeheim terzijde schuiven onder zeer strikte omstandigheden, ga voor jezelf na of je je in die positie bevindt. Zo niet, kan je enkel proberen het meisje zover te krijgen dat ze zelf bekentenis wil doen.

​Een meisje bekent binnen de hulpverlening een zeer ernstig misdrijf maar wil dat je dit vertrouwelijk houdt. Als hulpverlener ben ik onzeker hoe hiermee om te gaan en wens ik informeel met de procureur te overleggen. Kan dit?BeroepsgeheimJeugdrecht

​Door het overlijden van vader wordt moeder plots de enige bekleedt met het ouderlijk gezag. Moeder was nooit betrokken bij het kind of de hulpverlening. Kan zij plots informatie opvragen? Welke informatie kan/moet gegeven worden? Wat als dit niet in het belang van het kind lijkt te zijn?

Moeder wordt hier plots als enige bekleed met het ouderlijk gezag. Hier gelden dan de klassieke regels over omgaan met ouders en informatie delen binnen het kader van de opvoedingstaak van de ouder. U moet haar dus wel alle informatie geven die ze nodig heeft om haar taak als ouder te kunnen uitoefenen maar niet als dit tegen het belang van het kind zal worden aangewend. Uitoefening van het ouderlijk gezag is een doelgebonden bevoegdheid. De minderjarige kan zich verzetten tegen toegang tot het dossier voor de moeder.

​Door het overlijden van vader wordt moeder plots de enige bekleedt met het ouderlijk gezag. Moeder was nooit betrokken bij het kind of de hulpverlening. Kan zij plots informatie opvragen? Welke informatie kan/moet gegeven worden?BeroepsgeheimJeugdrecht
1 - 30Next